Creationisme is een godsdienstig metafysisch geloof dat beweert dat een bovennatuurlijk wezen het heelal heeft geschapen. Creationistische Wetenschap is een pseudowetenschappelijke veronderstelling die beweert dat (a) de verhalen in Genesis een precieze weergave zijn van het ontstaan van het heelal en het leven op aarde, en (b) dat Genesis niet verenigbaar is met de Big Bang-theorie en de evolutiewetenschap. “Creationisctische Wetenschap” is een oxymoron aangezien wetenschap zich enkel inlaat met naturalistische verklaringen van empirische fenomenen en zich niet bezig houdt met bovennatuurlijke verklaringen van metafysische fenomenen.

Creationisme behoort niet noodzakelijk tot een bepaalde godsdienst. Miljoenen Christenen en niet-Christenen geloven dat er een Schepper is van het heelal en dat wetenschappelijke theorieën zoals de evolutiewetenschap niet in tegenspraak zijn met het geloof in een Schepper. Maar de Christenen die zichzelf ‘creationistische wetenschappers’ noemen, hebben de term ‘creationisme’ overgenomen zodat het moeilijk is om naar creationisme te verwijzen zonder dat dit geïnterpreteerd wordt als een verwijzing naar "Wetenschappelijk Creationisme". Het wordt dus algemeen aangenomen dat creationisten Christenen zijn die geloven dat het verhaal van de schepping van het heelal, zoals dat in Genesis verteld wordt, letterlijk te nemen valt, d.w.z. de beweringen over Adam en Eva, de zes dagen van de schepping, het maken van de dag en de nacht op de eerste dag, ook al werden de zon en maan pas op de vierde dag gemaakt, het scheppen van walvissen en andere dieren die in het water leven of vleugels hebben en vliegen op de vijfde dag, en het scheppen van vee en kruipende dieren op de zesde dag, enz.

Creationistische wetenschapper beweren dat Genesis het woord van God is en dus onfeilbaar waar is. Ze beweren eveneens dat Genesis de Big Bang-theorie en de evolutiewetenschap tegenspreekt. Die theorieën zijn bijgevolg onjuist en wetenschappers die dergelijke theorieën verdedigen kennen de waarheid niet over de oorsprong van het heelal en het leven op aarde. Ze beweren ook dat creationisme een wetenschappelijke theorie is die net als de evolutiewetenschap zou moeten worden onderwezen.

Een van de voornaamste leiders van creationistische wetenschap is Duane T. Gish van het Instituut voor Creationistisch Onderzoek, die zijn standpunten voornamelijk vertolkt als aanvallen op de evolutieleer. Gish is de auteur van Evolution, the Challenge of the Fossil Record (San Diego, Calif.: Creation-Life Publishers, 1985), Evolution, the Fossils Say No! (San Diego, Calif.: Creation-Life Publishers, 1978) en Evolution, the Fossils Still Say No! (Spring Arbor Distributors, 1985). (Voor een antwoord op de vraag over de hiaten in de gevonden fossielen, zie Missing Links: Evolutionary Concepts and Transitions Through Time door Robert A. Martin.) Een andere leider van deze beweging is Walt Brown van het Centrum voor Wetenschappelijk Creationisme. Ondanks het feit dat 99,99% van de wetenschappers de evolutieleer als feit beschouwt, verkondigen de creationistische wetenschappers dat de evolutie geen feit is maar slechts een theorie, en dat ze onjuist is. De grote meerderheid van de wetenschappers die het niet eens zijn met de evolutieleer, betwisten hoe de soorten evolueerden, niet of ze evolueerden.

"Wetenschappelijke creationisten" zijn niet onder de indruk omdat ze in de minderheid zijn. Tenslotte menen ze dat de volledige wetenschappelijke gemeenschap zich al eerder heeft vergist. Dat klopt. Zo hadden geologen het ooit volledig fout wat betreft de oorsprong van de continenten. Ze dachten dat de aarde een vast voorwerp was. Nu geloven ze dat de aarde bestaat uit platen. De theorie van de platentektoniek heeft de oude onjuiste theorie vervangen. Maar, toen de hele wetenschappelijke wereld in het verleden op z'n fouten werd gewezen, gebeurde dat door andere wetenschappers, niet door pseudowetenschappers. Ze werden op hun fout gewezen door anderen die empirisch onderzoek verrichtten, niet door anderen die beginnen met een geloof in een godsdienstig dogma en die het niet nodig vinden om enig empirisch onderzoek te verrichten om hun overtuigingen te staven. Foutieve wetenschappelijke theorieën werden vervangen door betere theorieën, d.w.z. theorieën die meer empirische fenomenen verklaren en die ons inzicht in de natuurlijke wereld vergroten. De platentektoniek verklaarde niet alleen hoe contintenten kunnen verschuiven, ze opende ook de deur om beter te begrijpen hoe bergketens worden gevormd, hoe aardbevingen worden veroorzaakt, hoe vulkanen in verhouding staan tot aardbevingen, enz. Creationisme is geen wetenschappelijk alternatief voor natuurlijke selectie, net zoals het verhaal van de ooievaar geen alternatief is voor de sexuele voortplantingstheorie (Hayes 1996). Creationisme heeft niet geleid en zal hoogstwaarschijnlijk nooit leiden tot een grondig inzicht van biologische fenomenen in de natuurlijke wereld.

Darwin & Gish

Darwins evolutiewetenschap wordt natuurlijke selectie genoemd. Die theorie verschilt sterk van het feit van evolutie. Andere wetenschappers hebben andere theorieën over evolutie, maar slechts een verwaarloosbaar aantal onder hen ontkent de evolutie zelf. In zijn Origin of Species leverde Darwin een pak gegevens over de natuurlijke wereld die hij en anderen had verzameld of geobserveerd. Pas na het leveren van de gegevens toonde hij aan hoe zijn theorie de gegevens veel beter konden verklaren dan het geloof in een speciale schepping. Gish, daarentegen, ging er van uit dat welke gegevens er ook waren, ze moesten worden verklaard door speciale schepping omdat, denkt hij, God dat zo vertelde in de Bijbel. Bovendien beweert Gish dat het voor ons niet mogelijk is speciale schepping te begrijpen, aangezien de Schepper “processen gebruikte die op dit moment nergens in het natuurlijke heelal voorkomen”. Dus in plaats van gegevens te verzamelen en aan te tonen hoe speciale schepping deze gegevens beter kan verklaren dan natuurlijke selectie, moet Gish zich van een andere aanpak bedienen, de aanpak van de apologetiek. Zijn aanpak, en die van vele andere creationistische wetenschappers, is om elke gelegenheid te baat te nemen om de evolutiewetenschap aan te vallen. In plaats van de kracht van hun eigen geloof te tonen, proberen ze zwaktes in de evolutiewetenschap te vinden en openbaar te maken. Gish en de andere creationistische wetenschappers interesseren zich helemaal niet voor wetenschappelijke feiten of theorieën. Hun interesse ligt in het verdedigen van het geloof tegen wat zij zien als een aanval op het woord van God.

Zo zien creationistische wetenschappers bijvoorbeeld het onzekere in wetenschap voor het onwetenschappelijke. Ze zien het debat onder evolutionisten over hoe de evolutie moet worden verklaard als een teken van zwakte. Wetenschappers, daarentegen, zien onzekerheid als een onvermijdelijk onderdeel van wetenschappelijke kennis. Ze beschouwen debatten over fundamentele theorethische zaken als gezond en stimulerend. Evolutionair biologoog Stephen Jay Gould zegt dat wetenschap “het plezantst is wanneer het speelt met interessante ideeën, de implicaties ervan bestudeert, en beseft dat oude informatie op verrassende nieuwe manieren kan worden verklaard”. Maar het debat over evolutionaire mechanismen leidt biologen niet tot twijfel over de evolutie zelf. “We discussiëren nu over hoe de evolutie is gebeurd”, zegt Gould (1983, 256).

"creationistische wetenschap" en pseudowetenschap

Creationistische wetenschap is geen wetenschap maar wel een pseudowetenschap. Het is een godsdienstig dogma dat zich voordoet als een wetenschappelijke theorie.  Creationistische wetenschap wordt naar voren gebracht als absoluut zeker en onveranderlijk. Het neemt aan dat de wereld zich moet schikken naar hun interpretatie van de Bijbel. Creationistische wetenschap verschilt over het algemeen van creationisme in het idee dat eens het de Bijbel heeft gebruikt om iets te verduidelijken, geen enkel bewijs kan worden toegestaan om die interpretatie te wijzigen. In de plaats daarvan moet het bewijs worden weerlegd.

Vergelijk deze houding met die van de voornaamste Europese creationisten van de 17e eeuw die uiteindelijk moesten toegeven dat de aarde niet het centrum van het heelal was en dat de zon niet rond onze planeet draaide. Ze hoefden niet toe te geven dat de Bijbel fout was, maar ze moesten toegeven dat de menselijke interpretatie van de Bijbel fout was. De huidige creationisten lijken niet in staat toe te kunnen geven dat hun interpretatie van de Bijbel fout zou kunnen zijn.

Creationistische wetenschappers zijn geen wetenschappers omdat ze menen dat hun interpretatie van de Bijbel niet foutief kan zijn. Ze stellen hun standpunten voor als onweerlegbaar. Dus wanneer een bewijs hun lezing van de Bijbel weerlegt, menen ze dat het bewijs vals is. Het enige wetenschappelijke onderzoek dat ze doen heeft enkel en alleen de bedoeling te bewijzen dat de evolutiewetenschap foutief is. Creationistische wetenschappers vinden het niet nodig om hun geloof te testen, aangezien God het heeft openbaard. Onfeilbare zekerheid is geen kenmerk van wetenschap. Wetenschappelijke theorieën zijn feilbaar. Beweringen van onfeilbaarheid en de noodzaak van absolute zekerheid zijn geen kenmerken van wetenschap maar van pseudowetenschap.

Wat nog het meest onthult over het gebrek van creationistische wetenschappers aan echte interesse voor wetenschap, is de manier waarop ze bereidwillig en kritiekloos zelfs de meest idiote beweringen aanvaarden, als die beweringen de traditionele wetenschappelijke standpunten over evolutie maar lijken tegen te spreken. Zo wordt bijvoorbeeld elk bewijs dat het standpunt lijkt te verdedigen dat dinosaurussen en mensen samen leefden goed onthaald door de creationisten. En de manier waarop creationistische wetenschappers  de tweede wet van de thermodynamica behandelen, wijst op ofwel een gigantische wetenschappelijke incompetentie ofwel op opzettelijke oneerlijkheid. Zij beweren dat de evolutie van het leven in strijd is met de tweede wet van de thermodynamica, die  “stelt dat, op de macroscopische schaal van processen met diverse lichamen, de entropie van een gesloten systeem niet kan dalen” (Stenger).

Neem een zwarte emmer water die dezelfde temperatuur heeft als de lucht eromheen. Als de emmer in het zonlicht wordt geplaatst, zal hij warmte van de zon opnemen, zoals zwarte voorwerpen doen. Nu wordt het water warmer dan de lucht eromheen, en de beschikbare energie is gestegen. Is de entropie afgenomen? Is voorafgaandelijk onbeschikbare energie plots beschikbaar geworden, in een gesloten systeem? Neen, dit voorbeeld lijkt alleen maar in strijd met de tweede wet. Omdat zonlicht werd toegelaten, ging het niet om een gesloten systeem; de energie van het zonlicht werd geleverd van buiten het lokale systeem. Als we het grotere systeem bekijken, met inbegrip van de zon, dan is de entropie gestegen, zoals het hoort (Klyce).

Creationistische wetenschappers behandelen de evolutieleer alsof het de emmer water was in het voorbeeld hierboven, waarvan ze onterecht beweren dat het voorkomt in een gesloten systeem. Als we het hele systeem van de natuur beschouwen, dan is er geen enkel bewijs dat de evolutieleer in strijd is met de tweede wet van de thermodynamica.

Ten slotte, hoewel Karl Popper van mening was dat falsificeerbaarheid wetenschappelijke theorieën onderscheidt van metafysische en hij daarom onder vuur lag van wetenschapsfilosofen (Kitcher), lijkt het onweerlegbaar dat er een grondig verschi is tussen een overtuiging als creationisme en een theorie als natuurlijke selectie. Het lijkt evenmin betwistbaar dat één groot verschil is dat het metafysische geloof dat creationisme is, consistent is met elk mogelijk denkbare empirische status, terwijl dat bij de wetenschappelijke evoluthietheorie niet het geval is. “Ik kan me waarnemingen en experimenten voorstellen die om het even welke evolutiewetenschap die ik ken zou weerleggen”, schrijft Gould, “maar ik kan me niet voorstellen welke mogelijke gegevens creationisten ertoe zou brengen hun overtuiging te verlaten. Onovertrefbare systemen zijn een dogma, geen wetenschap” (Gould, 1983).

Creationisme kan niet worden weerlegd, zelfs niet in principe, omdat alles er samenhanged mee is, zelfs schijnbare tegenstellingen en tegenspraak. Wetenschappelijke theorieën laten toe dat er welomlijnde voorspellingen worden uit gemaakt; ze kunnen, in principe, worden weerlegd. Theorieën als die over de Big Bang, de steady state-theorie en de theorie over natuurlijk selectie, kunnen door experimenten en waarnemingen worden getest. Metafysische theorieën zoals creationisme zijn “onweerlegbaar” als ze zelfsamenhangend zijn, d.w.z. ze bevatten geen tegenstrijdige elementen. Geen enkele wetenschappelijke theorie kan ooit onweerlegbaar zijn.

De reden waarom "wetenschappelijk creationisme" een pseudowetenschap is, is dat het probeert voor wetenschap door te gaan hoewel het geen enkel essentieel kenmerk van wetenschappelijke theorieën bevat. Creationistische wetenschap zal als een geloof altijd onveranderlijk blijven. Het zal tussen wetenschappers geen debat doen ontstaan over de fundamentele mechanismen van het heelal. Het staat niet toe empirische voorspellingen te maken waarmee het kan worden getest. Het wordt onweerlegbaar geacht. En het neemt a priori aan dat er nooit enig bewijs kan worden gevonden om het te weerleggen.

creationisme als een wetenschappelijke theorie

Godsdienstige creationisme zou echter empirisch kunnen zijn. Bijvoorbeeld, als het zegt dat de wereld in 4004 voor Christus werd geschapen, en aanvaardt dat uit empirisch bewijs blijkt dat de aarde diverse miljarden jaar oud is, dan zou het geloof empirisch weerlegd zijn door het bewijs. Maar als, bijvoorbeeld, de ad hoc-hypothese  wordt gemaakt dat God de wereld schiep in 4004 v.Chr. compleet met fossielen die de aarde veel ouder doen lijken dan ze in werkelijkheid is (om ons geloof te testen, misschien, of om een of ander mysterieus goddelijk plan te volbrengen), dan is het godsdienstig geloof niet empirisch maar metafysisch. Niets kan het dan weerleggen; het is onweerlegbaar. Philip Henry Gosse sprak deze bewering uit ten tijde van Darwin in een werk getiteld Creation (Omphalos): An Attempt to Untie the Geological Knot (Creatie: een poging om de geologische knoop te ontwarren), gepubliceerd in 1857. Het idee sloeg nooit aan. Ik vraag me af waarom. Of toch niet.

Als de ouderdom of de wetenschappelijke dateertechnieken van de fossielen ter discussie staan, maar relevant voor de waarheid van de godsdienstige hypothese worden geacht en al op voorhand als in lijn met de hypothese worden beschouwd, dan is de hypothese een metafysische hypothese. Van een wetenschappelijke theorie kan niet op voorhand worden beoordeeld wat de onderzoeksresultaten moeten zijn. Als de godsdienstige kosmoloog ontkent dat de aarde miljarden jaren oud is omdat de eigen “wetenschappelijke” testen bewijzen dat de aarde nog heel jong is, dan ligt de bewijslast bij de godsdienstige kosmoloog, die moet aantonen dat de gebruikelijke wetenschappelijke methodes en tecnieken om fossielen e.d. te dateren foutief zijn. Zoniet, zou geen enkele redelijke persoon eraan moeten denken steun te verlenen aan een dergelijke onbewezen verklaring die ons zou willen doen geloven dat de hele wetenschappelijke gemeenschap het fout heeft. Gish heeft dit geprobeerd. Het feit dat hij niet in staat is om zelfs maar een klein deel van de wetenschappelijke wereld te overtuigen achter hem te staan, bewijst duidelijk dat zijn argumenten niet veel waard zijn. Dit is niet omdat de meerderheid het juist moet hebben. De hele wetenschappelijke wereld zou misleid kunnen zijn. Maar aangezien het verzet komt van een godsdienstig dogmaticus die niet aan wetenschappelijk onderzoek doet maar wel aan theologische apologetiek, lijkt het veel waarschijnlijker dat de creationistische wetenschappers misleid zijn, en niet de evolutionaire wetenschappers.

metafysische creationisten

Er zijn heel wat mensen die geloven in een godsdienstige kosmologie zoals die die in Genesis staat en die niet beweren dat hun geloof wetenschappelijk is. Zij geloven niet dat de Bijbel als een wetenschappelijke tekst moet worden genomen. Voor hen bevat de Bijbel de leer die belangrijk is voor hun spirituele leven. Het boek geeft spirituele ideeën over de aard van God en de relatie van God met de mens en de rest van het heelal. Die mensen geloven niet dat de Bijbel letterlijk moet worden genomen wanneer het onderwerp een zaak is van wetenschappelijke ontdekking. Volgens hen moet de Bijbel worden gelezen omwille van de spirituele boodschappen die het bevat, niet voor lessen in biologie, natuurkunde of scheikunde. Dit was de algemene standaard bij godsdienstige wetenschappers. Allegorische interpretaties van de Bijbel gaan terug tot minstens Philo Judaeus (20 v.chr - 50 n.Chr). Filosofen als Epicurus  (342-270) maakten filosofische analyses van de dwaasheid van populaire voorstellingen van de goden. Creationistische wetenschappers lijken allegorische interpretaties niet te kunnen smaken.

creationisme en politiek

Voorstanders van creationistische wetenshap hebben campagne gevoerd opdat hun Bijbelse versie van de schepping als wetenschap zou worden onderwezen in de Amerikaanse openbare scholen. Een van hun successen behaalde ze in de staat Arkansas, die een wet goedkeurde die verplichtte dat creationisme onderwezen werd in openbare scholen. Dit lijkt een belangrijke overwinning, maar u moet weten dat het tot 1968 verboden was om in Arkansas over de evolutie les te geven! In 1981 werd de wet echter ongrondwettelijk verklaard door een federale rechter die verklaarde dat creationisme godsdienstig van aard was (McLean v. Arkansas). Een gelijkaardige wet in de staat Louisiana werd door het Amerikaanse Hooggerechtshof ongeldig verklaard in 1987 (Edwards v. Aguillard). In 1994 keurde het schooldistrict van de Tangipahoa-parochie in Louisiana een wet goed, onder het mom van een promotie van “kritisch denken”, waarbij leerkrachten een disclaimer dienden voor te lezen vooraleer ze over de evolutie onderwezen. Deze oneerlijke list werd verworpen door het hof van beroep in 1999. In 1994 probeerde de creationistische onderwijzer biologie, John Peloza, een andere tactiek uit. Hij kloeg zijn schooldistrict aan omdat hij verplicht was om de “godsdienst evolutionisme” te onderwijzen. Hij verloor en het hof van beroep stelde dat er geen zo'n dergelijke godsdienst bestond. In 1990 bepaalde het hof van beroep dat schooldistricten het onderwijzen van creationisme mag verbieden omdat het een vorm is van godsdienstig voorspraak (Webster v. New Lenox School District). Heel wat godsdienstige leiders staan achter deze uitspraak. Zij erkennen dat wanneer het schooldistricten wordt toegestaan om creationisme te onderwijzen, ze de godsdienstige standpunten van één groep bevoordelen tegenover de godsdienstige standpunten van anderen en het niets te maken heeft met kritisch denken of eerlijkheid in het wetenschappelijk leerplan.

Creationistische wetenschappers mogen dan al gefaald hebben om evolutie uit het klaslokaal te weren en creationisme een plaats te geven naast evolutie, politiek actieve creationisten geven niet op, ze hebben enkel hun tactiek gewijzigd. Creationisten werden aangemoedigd om zich kandidaat te stellen voor lokale schoolraden en op die manier controle proberen te krijgen over het lesgeven van evolutie. Schoolraden kunnen bepalen welke teksten de scholen wel en niet mogen gebruiken. Creationisten die bij schoolraden klagen over het lesgeven van evolutie, maken meer kans om wetenschappelijke teksten te censureren wanneer er diverse creationisten in de schoolraad zitten.

In de Amerikaanse staat Alabama staat er in de cursussen biologie een waarschuwing die zegt dat evolutie “een controversiële theorie is die door sommige wetenschappers als een wetenschappelijke verklaring wordt voorgesteld voor de oorsprong van levende wezens. Niemand was er bij toen het eerste leven op aarde verscheen. Daarom moet elke verklaring over de oorsprong van het leven als een theorie worden beschouwd, niet als een feit”. In Alabama lijkt het dat als je 's ochtends buiten sneeuw ziet liggen maar niemand het heeft zien sneeuwen, je enkel maar een "theorie" mag voorstellen over de oorsprong van de sneeuw.

In augustus 1999 verwierp het ministerie van onderwijs van Kansas evolutie en de Big Bang-theorie als wetenschappelijke beginselen. Met zes stemmen tegen vier stemde het bestuur om deze onderwerpen uit het wetenschappelijk leerplan te halen. De mensen in Kansas verboden het onderwijzen van de evolutie- of de Big Bang-theorie niet. Ze verwijderden eenvoudigweg elke verwijzing naar de evolutie- of Big Bang-theorie uit het wetenschappelijk leerplan en uit de testen voor afstuderende studenten. Creationisten zoals bestuurslid Steve Abrams, voormalig voorzitter van de Republikeinse partij in Kansas, beschouwde de beslissing als een overwinning in de oorlog tegen de evolutionisten. Een nieuw bestuur besliste dat de wetenschappelijke theorieën terug dienden te zijn waar ze horen tegen februari 2001. Creationisten willen dat kinderen geloven dat God hen en elke andere soort individueel doelbewust heeft geschapen. Ze willen niet dat kinderen denken dat er een goddelijke kracht achter de Big Bang of de evolutie zit.

De belangrijkste politieke organisatie van de creationisten, het Discovery Institute, dat zich voordoet als een opvoedkundige instelling, heeft zich van een andere tactiek bediend: het noemde creationisme "intelligent ontwerp" en verklaarde dat het een wetenschappelijke theorie was die een waardig, maar afgewezen alternatief was voor natuurlijke selectie. Na de nederlaag in de federale rechtbank in Dover, Pennsylvania, in 2005 waar het lokale schoolbestuur het onderwijs van intelligent ontwerp als een alternatief voor evolutie had verplicht, steunde het Discovery Institute de zogenaamde "academische vrijheid"-wetgeving in diverse Amerikaanse staten. Dit is de meest recente truuk van de creationisten om hun godsdienstige overtuiging in de wetenschapsklassen van de openbare scholen te krijgen. Het enige verschil dat ik kan bespeuren tussen deze nieuwe aanvallen om godsdienst in de wet te krijgen en het soort wetgeving dat op plaatsen zoals Tangipahoa Parish als ongrondwettelijk werd beoordeeld, is dat de voorgestelde wetsontwerpen ook andere geliefkoosde conservatieve politieke punten bevatten, zoals de opwarming van de aarde en klonen, samen met godsdienstige alternatieven voor evolutie.

Over het hele land overwegen bijna een handvol staten om varianten van dergelijke wetsvoorstellen aan te nemen. Enkele daarvan plaatsen er de oorsprong van het leven en de klimaatverandering bij als toemaatje. Wetgevers in Florida namen onlangs een dergelijke wetsvoorstel aan in een antwoord op nieuwe onderwijsnormen die de eerste waren om het lesgeven van de evolutie te formaliseren. Hoewel twee onverenigbare wetsvoorstellen door de Kamer en de Senaat werden goedgekeurd, vielen ze weg toen de wetgevende macht ten einde liep; gelijkaardige maatregelen zijn nog in behandeling in andere staten. Deze wetsvoorstellen lijken afkomstig te zijn uit de pro-Intelligent Ontwerp denktank het Discovery Institute, en vormen een onderdeel van hun recentste pogingen om het lesgeven van de evolutie in openbare scholen te beperken.*

Op 26 juni 2008 werd een wetenschappelijke onderwijswet (LSEA) goedgekeurd in de staat Louisiana. Onder het mom van academische vrijheid staat de wet de lokale schoolbesturen toe om extra materiaal toe te staan in de klas om kritiek te kunnen uitoefenen op wetenschappelijke theorieën als de evolutieleer.

De tekst van de LSEA suggereert dat ze is bedoeld om kritisch denken te stimuleren, omdat het de ministerie van onderwijs vraagt om "leerkrachten, directeurs en ander schoolpersoneel bij te staan om een omgeving te creëren in de openbare lagere en middelbare scholen die kritisch denken, logisch denken en open en objectieve discussies over wetenschappelijke theorieën propageert". Jammer genoeg is het opmerkelijk selectief bij de suggestie van onderwerpen die kritisch moeten worden bekeken, en het noemt daarbij wetenschappelijke onderwerpen "waaronder, maar niet beperkt tot, evolutie, de oorsprong van het leven, de opwarming van de aarde en het klonen van mensen".*

Het lijkt waarschijnlijk maar is geen uitgemaakte zaak dat de rechtbanken hier door zullen zien. De bedoeling is immers niet om kritisch denken te stimuleren, zoals de wetgeving beweert, maar om favoriete ideeën te promoten.

het slechte Darwinisme

Op hetzelfde moment dat militante creationisten proberen cursussen over de evolutie te censureren, klagen ze over censuur tegen creationistische werken.* Deze tactiek waarbij vuur met vuur wordt bestreden, deed creationist Jerry Bergman beweren dat de evolutieleer (in tegenstelling tot Genesis?) zegt dat vrouwen inferieur zijn aan mannen. Het doel van militante creationisten is om zoveel mogelijk de evolutieleer belachelijk te maken, niet om de wetenschappelijke kennis te vergroten. (Zie Revolutie Tegen Evolutie.) Een van hun favoriete manieren is om alle zonden en misdaden te wijten aan een gebrek aan grondig Bijbelonderzoek en aan het onderwijzen van "goddeloze" theorieën zoals de evolutieleer en de Big Bang-theorie. Marc Looy van de groep Answers in Genesis (Antwoorden in Genesis) zegt dat de stemming in Kansas van 1999 belangrijk was omdat

studenten in openbare scholen leren dat de evolutie een feit is, dat ze louter het produkt zijn van het recht van de sterkste. . . Het schept een gevoel van zinloosheid en hopeloosheid, wat volgens mij leidt tot pijn, moord en zelfmoord.

Dat er geen enkel wetenschappelijk bewijs is om deze beweringen te staven, is van geen belang voor wie ze gelooft. Wanneer de wetenschap niet achter hun overtuigingen  staat,  vallen ze de wetenschap aan alsof ze de dienaar van de duivel was. Ik vraag me af wat meneer Looy te zeggen heeft over Christelijke Identiteit (Buford Furrow Jr.) of Erich Rudolph of Operation Rescue (Randall Terry) en andere groepen die van de Bijbel houden en haat prediken en tot geweld en moord oproepen. Wat zou hij zeggen over Matthew en Tyler Williams die, zoals hun moeder zei, "twee homo's vermoordden" omdat de wet van God [Leviticus 20:13] dat vraagt? Deze moordenaars hebben zonder twijfel een zinvol bestaan gevonden, maar er is duidelijk geen verband tussen zinloosheid en het einde van pijn, moord of zelfmoord. Mochten meer mensen gedwongen zijn om Bijbelse citaten te lezen op de schoolmuren of in de cursussen, dan zou er misschien wel meer en niet minder pijn, moord en geweld zijn.

De wanhoop van heel wat creationisten is af te lezen uit het feit dat ondanks heel wat correcties door evolutionisten, ze nog steeds proberen om het publiek de evolutie te laten identificeren met Sociaal Darwinisme. Deze stromantactiek wordt vaak toegepast en een voorbeeld ervan kan gevonden worden in de volgende brief aan de Sacramento Bee. De brief was een reactie op een artikel over een expert die beweerde dat racisten vaak de Bijbel gebruikten om hun haat te verrechtvaardigen.

Het is de Darwiniaanse evolutie, niet het Heilige Schrift, dat racisme verrechtvaardigt.... de evolutie leert de overleving van de sterkste, waaronder (zoals Hitler inzag) overleving van de sterkste "tak" van de menselijke stamboom. Echte evolutie kent geen plaats voor echte gelijkheid. Dit soort evolutionistisch denken ligt aan de grondslag van de haat die racistische groepen hebben voor homoseksuelen. Zij zien homo's als onvolkomen en dus inferieur. (-------10/3/99)

Het standpunt dat de theorie van natuurlijke selectie van Darwin racisme of ongelijkheid impliceert, kan enkel komen van iemand die de theorie van Darwin niet kent ofwel van iemand die de waarheid kent en denkt dat een leugen in de naam van godsdienst een moreel te verantwoorden leugen is. (Voor zij die er anders over denken, verwijs ik naar mijn antwoord op commentaar van iemand die denkt dat de standpunten van Darwin racistisch zijn (Engels).)

militant creationisme evolueert

De lui van de creatonistische wetenschap aanvaarden micro-evolutie maar niet macro-evolutie. Dit laat hen toe om ontwikkelingen en veranderingen binnen een soort te verklaren zonder dat ze het begrip natuurlijke selectie dienen te aanvaarden.

Macro-evolutie is de directe poging om de oorsprong van het leven te verklaren van molecules tot mens in zuiver naturalistische termen. Op die manier is het een affront voor Christenen omdat het opzettelijk probeert van God als schepper van het leven af te geraken. Het idee dat de mens het resultaat is van miljoenen gelukkige toevalligheden en dat slijm via de voedselketen is gemuteerd tot apen, zou voor elke denkende mens een belediging moeten zijn (Sharp).*

Wat een affront zou moeten zijn voor vele Christelijke en niet-Christelijke creationisten, is de insinuatie dat als iemand niet de Christelijke interpretatie van de Bijbel volgt, hij of zij God beledigt. Vele creationisten geloven dat God achter de mooie evolutie zit (Haught). Er is geen contradictie in het geloof dat wat een mechanisch, zinloos proces lijkt vanuit menselijk perspectief, theologisch en goddelijk gestuurd kan zijn. Natuurlijke selectie vereist niet dat iemand “van God als schepper van leven af wil”, niet meer dan het heliocentrisme vereist dat iemand van God als schepper van de hemelen af raakt.