Dualisme is de metafysische doctrine dat er twee wezens zijn, d.w.z. onderscheiden en onafhankelijke soorten wezens, het ene lichamelijk en het andere geestelijk. Het materiële wezen wordt als fysiek bepaald en wordt beschouwd als de onderliggende werkelijkheid van de empirische wereld, d.i. de wereld die we zien, horen, enz., en die we meten met onze zintuigen en technische apparaten die het bereik van onze zintuigen uitbreiden, zoals elektronenmicroscopen, telescopen, radar, enz.

De geestelijke wereld wordt doorgaans negatief beschreven als de niet-fysieke, niet-materiële werkelijkheid van de niet-empirische wereld, afwisselend de psychologische, mentale of spirituele wereld genoemd.

Dualisten geloven bijzonder sterk in onsterfelijkheid. Als er een andere werkelijkheid is dan het lichaam, dan kan dit niet-lichaam de dood overwinnen. Het niet-lichaam kan mogelijk eeuwig bestaan in een niet-fysieke wereld en daarbij genieten van niet-fysiek plezier of pijn van een niet-fysieke God. Dit idee is on-zin, maar blijkbaar verschaft het heel wat mensen troost en hoop.

Sommige dualisten komen graag tot dit besluit door te wijzen op het feit dat we twee verschillende soorten taal gebruiken wanneer we over fysieke en niet-fysieke dingen praten. Zij merken op dat wanneer we praten of fysieke dingen, we een taal gebruiken die voorwerpen plaatst of oorzakelijk verbindt in de ruimte. Wanneer we over processen spreken zoals denken, gebruiken we niet de taal van dingen in de ruimte. We spreken niet over denken als iets dat plaatsvindt op een bepaalde plaats of over een gedachte als iets dat fysieke afmetingen heeft. Dat is waar; maar we kunnen uit dit taalfeit niet besluiten dat het niet-fysieke een wezen is, d.i. een soort werkelijkheid die in staat is een onafhankelijk bestaan te hebben, niet herleidbaar tot een of ander fenomeen. De meeste dualisten geven toe dat bijvoorbeeld kleuren geen wezens zijn omdat ze kunnen worden herleid tot andere fenomenen zoals licht, sensorisch toestel, enz. En toch ontkennen vele dualisten dat denken, beseffen, willen, wensen, enz. herleidbaar zijn tot materiële processen (bv. hersentoestand). Zij menen dat deze psychologische of mentale activiteiten het best uitgelegd worden als functies van een niet-fysiek wezen. Ze kunnen zeker samenhangend worden verklaard door het dualisme, maar het is niet nodig om het geloof in een niet-fysieke werkelijkheid erbij te halen om alles te verklaren wat fysiek moeilijk bespreekbaar is. Zoals hierboven aangebracht, er zijn ook problemen bij het proberen zich in te beelden van een niet-fysieke waarneming, ondanks het argument van Descartes dat een dergelijk concept heel duidelijk en onderscheiden is (zijn Meditations on First Philosophy), een essentieel argument voor het dualisme.