Een gebed is een poging tot communicatie met een bovennatuurlijke wezen (BW) of metafysische energie. Het woord "gebed" duidt doorgaans op het vragen van een gunst aan een BW of het smeken om een onzichtbare kracht of energie om de eigen wensen in vervulling te laten gaan. Dit type gebed wordt voorbede (VB) genoemd omdat het wordt gedaan om een BW of energie te vragen tussenbeide te komen bij zichzelf of bij iemand anders. VB is een soort magisch denken: diegene die bidt probeert een gebeurtenis in de wereld te veroorzaken door die gebeurtenis te willen of zich voor te stellen. Er zijn mensen die geloven dat dergelijke gebeden doeltreffend zijn in het genezen van ziektes, het verminderen van criminaliteit, het verslaan van vijanden, en het winnen van voetbalwedstrijden. Sommige godsdiensten stimuleren of eisen zelfs van ouders om hun kinderen medische behandeling te weigeren - zelfs als dit de dood tot gevolg heeft - ten gunste van het gebed.*  Het gebed van die mensen is echter geen voorbede, maar het gebed van totale onderwerping aan de wil van een almachtige, perfecte God en het geloof dat wat er ook gebeurt alleen maar gebeurt omdat God dat wil. Dat was ook de overtuiging van de stichter van Christian Science, Mary Baker Eddy (1821-1910), die schreef wat velen beschouwen als de bijbel van gebedsgenezing: Science and Health with Key to the Scriptures (1875). "Als de zieken genezen omdat ze bidden of er voor hen hoorbaar wordt gebeden", zei Eddy, "dan zullen enkel de bidders gezond worden".*

Als een BW tussen moet komen, dan wil dit zeggen dat een wezen uit de bovennatuurlijke wereld gebeurtenissen moet veroorzaken in de natuurlijke wereld die normaalgezien niet zouden gebeuren. Dit lijkt op het eerste zicht een goede zaak. Wie zou niet in willen gaan tegen natuurwetten als dat goed zou uitkomen? Maar er zijn minstens twee redenen om te geloven dat het absurd is om een BW te smeken om tussen te komen in de natuurlijk gang der zaken.

BWs, als ze bestaan, zouden geen BWs zijn als de daden van mensen hen konden plezieren of grieven. Epicurus gaf eeuwen geleden een bijzonder elegant argument om dit aan te tonen. Hij zei dat de mensen de goden maakten naar hun eigen beeld en niet andersom (antropomorfisme) en dat de goden niet perfect zouden zijn mochten onze capriolen of smeekbedes hen op welke manier ook beïnvloeden. Mary Baker Eddy was het duidelijk met Epicurus eens. "God wordt niet beïnvloed door mensen," zei ze.* "Verwachten we de perfectie te veranderen?"* vroeg ze.

Ten tweede, en belangrijker, als BWs uit eigen wil in de natuur konden tussenkomen of als deze onzichtbare energieën door onze intenties gestuurd zouden kunnen worden, dan zou de rust en orde van de verwachtingswereld die de wetenschap probeert te begrijpen, onmogelijk zijn. We zijn in staat om de wereld te ervaren enkel en alleen omdat we het als wereld met orde waarnemen. en op die manier begrijpen we de wereld ook.

Een mirakel kan gedefinieerd worden als een schending van de natuurwetten door opzettelijke tussenkomst. Een BW of energie te vragen om tussen te komen in de normale loop der zaken, is hetzelfde als het vragen om een mirakel. Diverse eeuwen geleden zei David Hume al dat het geloven in mirakels gelijk staat aan het ingaan tegen de universele verwachting dat er een onverbiddelijke orde is bij onze zintuiglijke waarnemingen. Al onze regels van redeneren zijn gebaseerd op deze ervaring. We zouden deze regels moeten verlaten om te geloven in mirakels. Op dezelfde wijze zouden we elke hoop moeten laten varen om de wereld die we waarnemen te kunnen ervaren, laat staan begrijpen, als het mogelijk zou zijn dat om het even welke gebeurtenis zou kunnen gebeuren na om het even welke andere gebeurtenis gebaseerd op de wil van BWs of ons vermogen om op magische wijze mysterieuze energieën te beïnvloeden. Enkel indien onze ervaring van gebeurtenissen die andere gebeurtenissen volgen onveranderlijk en samenhangend is, kunnen we de wereld waarnemen en begrijpen. En als de aanpak van Hume je niet bevalt, dan is er die van Kant: enkel als we gebeurtenissen als oorzakelijk kunnen ervaren, kunnen we welke ervaring ook hebben.

Het testen van oorzakelijke hypotheses zou onmogelijk zijn als BWs of menselijke intenties rechtstreeks konden tussenbeide komen in de natuurlijke gang van zaken. Wetenschappers testen oorzakelijke hypotheses. Het is voor een wetenschapper dan ook absurd om een oorzakelijke test uit te voeren op een voorbede. Wat moeten we dan denken van die wetenschappers die een gecontroleerd, dubbelblind onderzoek ontwerpen om de doeltreffendheid van voorbeden te testen? Bijvoorbeeld, wat moeten we denken van onderzoek zoals dat van Elisabeth Targ naar genezen op afstand? De Amerikaanse Nationale Gezondheidsinstituten verleenden Targ honderdduizenden dollars belastingsgeld om een absurditeit te onderzoeken (Gardner 2001). Maar Targ stierf aan een hersentumor in 2002, nog vóór haar laatste onderzoek voltooid was, en ondanks de inspanningen van velen om de geesten en energieën te vragen omwille van haar tussen te komen. [Een van haar onderzoeken werd in twijfel getrokken door Po Bronson die aantoonde hoe zij foutief gegevens gebruikte. Zie het Sicher-Targ-rapport over genezen op afstand en A Prayer Before Dying, Wired dec. 2002.] Anderen joegen een gelijkaardige hersenschim na, waaronder Dr. Randolph Byrd, Dr. William S. Harris en Dr. Herbert Benson, en Dr. Mitch Krucoff. Dusver toont het bewijs van hun onderzoek niet op enig genezend effect vanwege welk soort voorbede ook. Ondanks het feit dat er overtuigend wetenschappelijk bewijs voorhanden is dat genezend gebed ondoeltreffend is, zijn er miljoenen mensen die bij de eerste tekenen van leed beginnen te bidden. Het gebed heeft een troostend effect en zorgt ervoor dat de mensen zich sterker voelen wanneer geconfronteerd met de onverschilligheid van de natuur bij hun lijden. Het geloof in de helende kracht van het gebed lijkt gebaseerd te zijn op niets meer dan gemeenschapsversterking en selectief denken: de mensen vergeten al die keren waarbij de gebeurtenissen niet overeenstemden met de wensen in hun gebeden en houden enkel rekening met de keren dat dit wel gebeurde (voorkeur voor bevestiging).

Het meest recente en grootste wetenschappelijk onderzoek werd verricht door Herbert Benson et al. De resultaten werden gepubliceerd in American Heart Journal in april 2006 ("Study of the Therapeutic Effects of Intercessory Prayer (STEP) in cardiac bypass patients: A multicenter randomized trial of uncertainty and certainty of receiving intercessory prayer". Patiënten in zes Amerikaanse ziekenhuizen werden willekeurig in drie groepen onderverdeeld: voor 604 van hen werd een voorbede gedaan nadat ze te horen kregen dat er misschien wel en misschien niet voor hen zou gebeden worden; voor 597 van hen werd niet gebeden (ook nadat ze te horen kregen dat er misschien wel en misschien niet voor hen zou gebeden worden); en voor 601 van hen werd gebeden nadat ze te horen kregen dat er voor hen zou gebeden worden. Gedurende 14 dagen werd een voorbede gedaan. Die begon de nacht vóór de hartoperatie waarbij een bypass werd geplaatst. Het eerste resultaat was of er binnen de dertig dagen na de operatie complicaties voorkwamen of niet. De resultaten wezen op geen enkel gebedseffect. In de twee groepen die niet wisten of er voor hen zou worden gebeden, traden in de groep waarvoor werd gebeden in 52% van de gevallen (315/604) complicaties op versus 51% (304/597) in de groep waarvoor niet werd gebeden. In de groep van patiënten die wisten dat er voor hen zou worden gebeden, traden complicaties op in 59% (352/601) van de gevallen. Grote problemen en sterfgevallen binnen die dertig dagen, kwamen evenveel voor in de drie groepen.

In ieder geval, dit onderzoek naar de doeltreffendheid van gebed lijkt zichzelf te weerleggen. Tenminste, als God of een of ander BW gebeden zou beantwoorden en sommige patiënten zou genezen maar andere niet, naargelang voor hoeveel patiënten werd gebeden, dan zouden we nooit kunnen weten of iets gebeurde door natuurlijke oorzaak of dankzij goddelijke tussenkomst. Geen enkel oorzakelijk onderzoek kan de mogelijkheid uitsluiten dat resultaten rechtstreeks te wijten zijn aan een BW dat tussenkomt in de natuurlijke gang van zaken. Kortom, het is zinloos om oorzakelijk onderzoek te verrichten, en dus is het zinloos om te onderzoeken of een gebed doeltreffend is voor genezing.

Er zijn nog andere problemen. Wie niet genezen is, is mogelijk niet om een natuurlijke reden gestorven; het is altijd mogelijk dat een of andere kwaadwillig maar machtig BW tussenkwam in het natuurlijke proces en de doden veroorzaakte. Eenmaal je rekening houdt met de mogelijkheid dat BWs de oorzaak zijn van gebeurtenissen, is er geen enkele reden om aan te nemen dat enkel de Joods-Christelijke God die oorzaak kan zijn of dat God enkel tussenkomst bij gebeden of dat enkel positieve energieën kunnen worden gemanipuleerd door wilsdaden.

Tot besluit, er zijn logische, wetenschappelijke en metafysische redenen om geen ernstig onderzoek te verrichten naar een begrip als het bidden tot een BW of metafysische kracht om de externe werkelijkheid te veranderen. Het idee is logisch tegenstrijdig, wetenschappelijk belachelijk en metafysisch vernederend. Het vereist dat God volmaakt en onvolmaakt is, het maakt wetenschappelijk onderzoek naar oorzakelijke verbanden belachelijk, en het bagatelliseert de Almachtige, Onbegrensde God, als die al bestaat, en gaat voorbij aan het mogelijke bestaan van minder bovennatuurlijke krachten of kwaadwillige energieën die de natuur op een onmetelijk aantal manieren kunnen wijzigen. Maar dit alles dient niet om te ontkennen dat een gebed geen troost kan geven, en misschien zelfs stress verminderen, waardoor het humeur verbetert van diegene die bidt. De voordelen van placebo's zijn goed gekend maar staan mijlenver van het gebruiken van psychokinetische krachten om de gezondheid en het welzijn van anderen te beïnvloeden.