De term "Indigo-kind" komt van de Amerikaanse parapsychologe Nancy Ann Tappe, die de persoonlijkheden van mensen rangschikte volgens de kleurschakering van hun aura's:

Elke universele leeftijd is doorgaans vergezeld van een overwicht van mensen met die levenskleur. Nu zijn de meeste volwassen bijvoorbeeld Blauw of Violet, de twee kleuren met de eigenschappen die het meest nodig zijn in dit Violet Overgangstijdperk. In het volgende tijdperk, het Indigotijdperk, zullen indigokleuren de standaard zijn (Understanding Your Life Through Color, 1982).

Volgens Tappe,

Het Indigo-fenomeen is erkend als een van de meest opwindende veranderingen in de menselijke aard die ooit werden beschreven. Het Indigo-label beschrijft het energiepatroon van menselijk gedrag dat bestaat in meer dan 95% van de kinderen die de laatste 10 jaar werden geboren… Dit is een wereldwijd fenomeen en uiteindelijk zullen de Indigo's alle andere kleuren vervangen. Wanneer ze kleine kinderen zijn, zijn Indigo's makkelijk te herkennen door hun ongewone grote, heldere ogen. Het zijn bijzonder intelligente en vroegrijpe kinderen met een verbazingwekkend geheugen en een sterke wens om instinctief te leven. Deze kinderen van het volgende millennium zijn gevoelige, getalenteerde zielen met een ontwikkeld bewustzijn, die hier gekomen zijn om de vibraties van onze levens te helpen veranderen en om één land, één wereld en één ras te creëren. Ze zijn onze brug naar de toekomst.

Volgens Peggy Day en de Amerikaanse hypnotherapeute Susan Gale, werd de komst van de Indigokinderen voorspeld door Edgar Cayce, lang voor Tappe ze koppelde aan aura's.

The Indigo Children (De Indigo-kinderen) is een boek van Lee Carroll, een geleider voor een entiteit die hij Kryon noemt, en zijn vrouw Jan Tober.

Kryon heeft belangrijke berichten onthuld zoals "liefde is de grootste kracht in het heelal". Carroll en Tober reizen de wereld rond en organiseren Kryon-seminaries. Kryon heeft heel wat interesses, waaronder het Universele Kalibratierooster en EMF-compensatie (opkomen voor jezelf met behulp van kennis van jouw elektromagnetische aard, bv. hoe je energieveld te controleren dat bestaat uit "licht- en energievezels").

Een theorie over de Indigo-kinderen is dat vele kinderen waarvan vastgesteld werd dat ze een aandachtstoornis (ADD) of een gedragstoornis (ADHD) hadden, een "nieuwe soort evolutie van de mensheid" vertegenwoordigen. Deze kinderen hebben geen geneesmiddelen nodig zoals Ritaline, maar hebben nood aan speciale aandacht en training. Het boek bestaat uit tientallen artikels door auteurs uit vele rangen en standen. De kwaliteit van de analyse en de adviezen zijn dan ook onsamenhangend en ongelijk. Nancy Ann Tappe is een van de medewerkers. Een andere auteur is Robert Gerard, een Amerikaanse professor metafysische psychologie, wiens stuk "Afgezanten uit de hemel" genoemd is. Hij gelooft dat zijn dochter een Indigo-kind is. Hij gelooft ook dat "De meeste Indigo's engelen en andere etherische wezens kunnen zien". Hij leidt de Oughten House Foundation, Inc., en verkoopt engelenkaarten. Een andere medewerkster is Doreen Virtue, een voorstandster van engeltherapie die een nog verder ontwikkelde generatie van kinderen gevonden heeft: de Kristalkinderen.

Maar niet alle medewerkers bevinden zich aan de rand van New Age metafysica. Dr. Judith Spitler McKee, bijvoorbeeld, is een voormalige kleuter- en basisonderwijzeres en een Eastern Michigan universiteitsprofessor op rust. Ze wijdt haar dagen aan het stimuleren van lezen bij kinderen.

hoe een Indigo-kind herkennen

Het Indigo-kind kan worden herkend door zijn of haar aura en door bepaalde andere kenmerken, volgens de Indigo Children webstek (Kryon Writings is eigenaar):

* Ze worden geboren met een koninklijk gevoel (en gedragen er zich ook naar).
* Ze vinden dat ze "het verdienen hier te zijn", en zijn verrast wanneer anderen er niet zo over denken.
* Eigenwaarde is niet zo belangrijk. Ze vertellen vaak aan de ouders "wie ze zijn".
* Ze hebben moeite met absoluut gezag (gezag zonder uitleg of keuze).
* Ze willen bepaalde dingen gewoonweg niet doen; bv. het wachten in een rij is moeilijk.
* Ze worden gefrustreerd door systemen die ritueel zijn en die geen creatief denken vereisen.
* Ze zien vaak hoe dingen beter kunnen worden gedaan, zowel thuis als op school, waardoor ze "systeembestrijders" lijken (non-conform tegenover elk systeem).
* Ze lijken asociaal tenzij ze bij iemand van hun eigen soort zijn. Als er geen anderen zoals henzelf in de buurt zijn, worden ze introvert en voelen zich alsof niemand anders hen begrijpt. De school is sociaal gezien een uitzonderlijk moeilijke omgeving.
* Ze reageren niet op "schuld"-discipline ("Wacht tot je vader thuiskomt en hoort wat je hebt uitgespookt").
* Ze zijn niet te verlegen om jou te vertellen wat ze nodig hebben.

(Voor sommige voorbeelden van een aantal ouders in de streek van Houston die hun kinderen als Indigo's bestempelen, zie Krider 2002. De kinderen gaan niet noodzakelijk akkoord met de beweringen van hun ouders.)

Het is begrijpelijk waarom vele ouders hun kinderen niet als ADD of ADHD bestempeld willen zien. Het etiket veronderstelt immers onvolkomenheid. Sommigen kunnen zelfs veronderstellen dat het kind "beschadigd" is, vooral als het gedrag van het kind een neuro-biologische oorzaak heeft. Voor sommigen staat dit gelijk aan het hebben van een slecht brein of een geestelijke stoornis. De emoties kunnen dan ook hoog oplaaien. De behandeling van kinderen met problemen is een heet onderwerp voor de massamedia, bepaalde advocaten, praatprogramma's, columnisten, en anderen die niet meteen gekend staan om hun klare uitleg van ingewikkelde wetenschappelijke of medische zaken. Velen lopen met de massa mee en vallen de geneesmiddelenindustrie en psychiaters aan omdat ze onze kinderen teveel geneesmiddelen zouden laten nemen. Verzet baat niet want slechts weinigen zijn bereid te luisteren naar wie de verdediging opneemt van diegenen die onze kinderen "misbruiken". Nog minder mensen zijn bereid om na te gaan of de criticasters wel weten waar ze het over hebben.

Het Amerikaanse Nationaal Instituut voor de Geestelijke Gezondheidszorg zegt dat ADHD de meest voorkomende stoornis is bij kinderen. Het komt voor bij 3 tot 5 procent van alle schoolkinderen. (Amerikaanse arts David Kaiser zegt dat bij 10% van de schoolkinderen ADD/ADHD werd vastgesteld en dat in sommige delen van het land 50% van de schoolkinderen er aan leden). Met zo veel getroffen kinderen kan het niet moeilijk zijn om gevallen te vinden met foute diagnoses, onaangepaste behandeling, slechte reacties op geneesmiddelen, enz. Maar anekdotes over misbruik mogen geen alternatief zijn voor wetenschappelijke studies of klinische waarnemingen door professionelen die deze kinderen dagelijks behandelen. Maar we weten allemaal dat een anekdote van Amerikaans columniste Arianna Huffington of Hilary Clinton in een praatprogramma als dat van Oprah of Larry King heel wat krachtiger is dan een vergelijkende wetenschappelijke studie. En toch moeten die wetenschappelijke studies worden uitgevoerd. Ritaline bestaat sedert 1950 en toch bestaan er geen langetermijnstudies die aantonen dat het veilig, doeltreffend of beter is dan een alternatief. De steun voor het voorschrijven ervan komt voornamelijk van de mensen in de loopgraven, de artsen die miljoenen kinderen en volwassenen met AD/HD behandelen. Steun komt ook van de fabrikant van Ritaline, het in New Jersey gevestigde Novartis Pharmaceuticals Corp., dat zegt dat het geneesmiddel "al meer dan 40 jaar miljoenen ADHD-patiënten veilig en doeltreffend heeft geholpen", bevestigd door het resultaat van 170 studies (Donohue). Novartis is echter allesbehalve een onbevooroordeelde partij.

In ieder geval, hoeveel langetermijnonderzoeken er ook zijn die niets spectaculair fouts vinden met Ritaline, de kans bestaat altijd dat de volgende studie iets verschrikkelijks zal vinden. Bijvoorbeeld, "onderzoekers aan de Universiteit van Californië, Berkeley, zeggen dat hun studie, die ADHD-jongeren volgt op weg naar hun volwassenheid, een verband heeft gevonden tussen het gebruik van Ritaline en later misbruik van tabak, cocaïne en andere stimuli" (Donohue 2000). Is dat verband sterk genoeg om ons zorgen te doen maken? Hoe kunnen we zeker zijn dat het niet ADHD zelf was, en niet Ritaline, waarmee het verband moest worden gelegd?

De hype en bijna-hysterie rond het gebruik van Ritaline heeft een atmosfeer gecreëerd waarin een boek als Indigo Children ernstig kan worden genomen. Als men de keuze heeft, wie zou dan niet liever geloven dat hun kinderen speciaal zijn en gekozen zijn voor een hogere missie dan dat ze een hersenstoornis hebben? Ondertussen beveelt Kryon zelfs blauwgroene algen voor, een populair “alternatief” voor Ritaline, hoewel er geen langetermijnonderzoeken zijn over het effect van algen op de hersenen van het opgroeiende kind (“The Algae AD/HD Connection: Can Blue Green Algae Be of Help with Attention Deficit/Hyperactivity Disorder?” door John Taylor, Ph.D.).