Er is een wijdverbreid geloof dat buitenaardse wezens naar aarde zijn gereisd en op enkele uitverkoren mensen voortplantingsexperimenten verrichten. Ondanks de ongelooflijke aard van dit geloof en het gebrek aan geloofwaardig ondersteunend bewijs, groeide hierrond een echte cultus. Volgens een opiniepeiling aan het einde van de twintigste eeuw, gelooft 1/3 van de Amerikanen dat buitenaardse wezens ons hebben bezocht, een stijging met 5% tegenover het decennium daarvoor.

Volgens de stellingen van deze cultus, stortten buitenaardse wezens neer in Roswell, New Mexico, in 1947. De Amerikaanse overheid kon het buitenaardse toestel en de bemanning bergen, en heeft sindsdien geheime ontmoetingen gehad met buitenaardse wezens op een plaats die als area 51 gekend is. De stijging in UFO-observaties is te wijten aan de stijgende buitenaardse activiteit op aarde. De buitenaardse wezens ontvoeren grote groepen mensen, laten andere tekenen van hun aanwezigheid achter in de vorm van de zogenaamde graancirkels, zijn betrokken in verminking van vee, en schenken uitverkoren profeten openbaringen zoals het Urantia Boek. De ondersteuning voor dit geloof over buitenaardse wezens en UFO's berust grotendeels op speculatie, fantasie, bedrog en ongerechtvaardigde gevolgtrekkingen van twijfelachtige bewijzen en getuigenissen. UFO-fanatici zijn er ook van overtuigd dat er een samenzwering is door de overheid en de massamedia om de buitenaardse activiteiten te verhullen, waardoor het voor hen moeilijk wordt om te bewijzen dat buitenaardse wezens geland zijn.

Het is waarschijnlijk dat er elders in het heelal leven is en dat een deel daarvan intelligent is. Er is een hoge wiskundige kans dat er onder de triljarden sterren in de miljarden sterrenstelsels miljoenen planeten zijn die qua ouderdom en afstand te vergelijken zijn met de aarde en de zon. Er is een goede kans dat op enkele van die planeten leven is ontstaan. Het is zelfs hoogstwaarschijnlijk dat die evolutie onderhevig is aan natuurlijke selectie (Dawkins). Maar het is niet onvermijdelijk dat het resultaat van die evolutie tot intelligentie heeft geleid die lager, gelijk of hoger is dan die van ons. Het is mogelijk dat we uniek zijn. (Pinker 1997: 150 ff.).

We mogen echter niet vergeten dat de meest nabije ster (naast onze zon) zo ver van de aarde ligt dat een reis tussen beide sterren langer dan een mensenleven zou duren. Het feit dat onze zon ongeveer eens in de 200 miljoen jaar rond de Melkweg draait, geeft maar een vage indruk van het vooruitzicht dat we hebben op interstellaire reizen. We bevinden ons op 500 lichtseconden van de zon. De meest nabije ster (Alpha Centauri) ligt op ongeveer 4 lichtjaar. Dat lijkt dichtbij, maar het komt eigenlijk overeen met ongeveer 40 triljard kilometer. Zelfs als je aan een snelheid van 2 miljoen kilometer per uur zou reizen, zou het nog 2000 jaar vragen om er te komen. Om er in 25 jaar te geraken, hebben we een snelheid nodig van meer dan 160 miljoen kilometer per uur. Ons snelste ruimtetuig, Voyager, reist aan een snelheid van ongeveer 65000 kilometer per uur. Pas na 70.000 jaar zal het Alpha Centauri bereiken.

Ondanks de waarschijnlijkheid van leven op andere planeten en de kans dat dat leven wel eens heel intelligent zou kunnen zijn, ligt elk gestuurd signaal van welke planeet ook en in welke richting ook waarschijnlijk niet op koers naar een andere bewoonde planeet. Het zou onverstandig zijn om in de ruimte naar intelligent leven te zoeken zonder te weten naar waar zich te richten. Het wachten op een signaal zou wel eens langer kunnen duren dan de levensduur van onze planeet zelf. Ten slotte, zelfs als we een signaal ontvangen, dan werd dat signaal honderden of duizenden jaren eerder verzonden. Tegen de tijd dat we de bron hebben vastgesteld is de planeet van oorsprong mogelijk niet langer bewoond, voor zover ze nog bestaat.

Dus ook al is er intelligent leven in het heelal, dan nog blijft het reizen tussen zonnestelsels voor hoofdbrekens zorgen. De reizigers zouden bijzonder lang onderweg zijn. Mensen zouden honderden of duizenden jaren moeten leven en de toestellen zouden even lang moeten kunnen werken en in de verre ruimte hersteld of vervangen kunnen worden. Dit zijn geen onmogelijke voorwaarden, maar ze zijn dermate belangrijk dat ze interstellaire en intergalactische reizen uiterst onwaarschijnlijk maken. Het enige noodzakelijke voor dergelijke reizen dat niet moeilijk te vinden is zijn mensen die de reis willen maken. Het zou niet moeilijk zijn om vele mensen te vinden die in slaap willen worden gebracht om enkele honderden of duizenden jaren later opnieuw wakker te worden om op een vreemde planeet naar leven te zoeken. Ze zouden zelfs geloven dat ze dan informatie kunnen verzamelen en terugbrengen naar aarde waar ze in een optocht in wat overblijft van New York de mensen kunnen begroeten.

ontvoering en verkrachting?

Interplanetaire reizen mogen dan wel heel onwaarschijnlijk zijn, ze zijn niet onmogelijk. Misschien zijn er wezens die met hele hoge snelheden kunnen reizen en die de technologie en grondstoffen hebben om tuigen te bouwen die de lichtsnelheid halen of zelfs overstijgen. Zijn die wezens naar hier gekomen om mensen te ontvoeren, verkrachten en voor experimenten te gebruiken? Er zijn heel wat berichten over ontvoering en seksuele aanranding door wezens die klein en kaal zijn of wit of groen, of met grote schedels, kleine kinnen, grote spleetogen, gepunte of helemaal geen oren, ... Hoe kan je het aantal berichten en hun gelijkenis verklaren? De meest redelijke verklaring totnogtoe voor de gelijkenissen is dat ze gebaseerd zijn op dezelfde films, dezelfde verhalen, dezelfde televisieprogramma's en dezelfde stripverhalen.

Hét verhaal van ontvoering door buitenaardse wezens dat de cultus rond het bezoek van buitenaardse wezens en hun experimenten heeft gestart, is dat van Betty en Barney Hill. De Hills vertelden dat ze op 19 september 1961 door buitenaardse wezens waren ontvoerd. Aanvankelijk "herinnerde" Betty zich haar ontvoerder in een aantal nachtmerries, waar ze Barney over vertelde. Barney zei dat de buitenaardse wezens een staal namen van zijn sperma. Betty zei dat ze een naald in haar navel hadden gestoken. Ze nam mensen mee naar de plaats waar de wezens waren geland, maar enkel zij kon de wezens en hun ruimtetuig zien. De Hills herinnerden zich het grootste deel van hun verhaal onder hypnose enkele jaren na de ontvoering. Barney Hill berichtte dat de buitenaardse wezens "halfronde ogen" hadden, een eerder ongewoon kenmerk. Twaalf dagen voor de sessie toonde de televisiereeks "The Outer Limits" net hetzelfde soort buitenaards wezen (Kottmeyer). Volgens Robert Schaeffer "kunnen we alle meest voorkomende elementen in ontvoeringsverhalen terugvinden in een stripverhaal uit 1930: Buck Rogers in the 25th Century".

Het verhaal van de Hills is al vele malen herhaald. De vermeende ontvoering wordt steeds gevolgd door een periode van geheugenverloes. Tijdens een hyposesessie of een sessie bij de psychiater komt gewoonlijk de herinnering aan de ontvoering en experimenten naar boven. De enige variatie in de verhalen van de ontvoerden ligt bij de implantaten die sommigen zouden hebben gekregen en de littekens die buitenaardse wezens op de lichamen zouden hebben gemaakt. De buitenaardse wezens zelf worden door iedereen min of meer op dezelfde manier beschreven.

Whitley Strieber, die diverse boeken heeft geschreven over deze vermeende ontvoeringen, besefte na psychotherapie en hypnose dat hij ontvoerd was geweest door buitenaardse wezens. Strieber vertelt dat hij buitenaardse wezens zag die het dak van zijn huis in brand staken. Hij zegt dat hij 's nachts naar verre planeten en terug is gereisd. Hij wil ons laten geloven dat hij en zijn gezin de enigen zijn die de buitenaardse wezens en hun ruimtetuig kunnen zien terwijl anderen niets zien. Strieber komt over als een heel gestoord mens, maar dan wel een die echt gelooft dat hij buitenaardse wezens ziet en er door wordt lastiggevallen. Hij beschrijft zijn gevoelens net voldoende precies om te geloven dat hij in een heel opgewonden psychologische toestand was net voor het bezoek van de buitenaardse wezens. Iemand in een verhoogde staat van angst is vatbaar voor hysterie en is voornamelijk kwetsbaar voor een radicale gedragswijziging of geloofspatronen. Toen Strieber zijn angstaanval had, raadpleegde hij zijn analyticus, Robert Klein, en Budd Hopkins, een onderzoeker naar buitenaardse ontvoeringen. Onder hypnose herinnerde Strieber zich dan de verschrikkelijke buitenaardse wezens en hun bezoeken.

Hopkins toonde zijn oprechtheid en onbekwaamheid in het televisieprogramma Nova ("Alien Abductions", voor het eerst vertoond op 27 februari 1996). De camera volgde Hopkins sessie na sessie met een heel opgewonden en emotionele patiënt. Nova volgde Hopkins vervolgens in Florida waar hij vrolijk een duidelijk onstabiele moeder hielp haar kinderen in te prenten dat ze door buitenaardse wezens waren ontvoerd. Tussen meer sessies met meer patiënten van Hopkins door, hoorde de kijker hem herhaaldelijk reclame maken voor zijn boeken en zijn redenen om geen scepcisme te vertonen voor de hele vreemde verklaringen die hij uit zijn patiënten kreeg. Nova vroeg Dokter Elizabeth Loftus om een evaluatie te maken van de methode die Hopkins op de kinderen toepaste die door hun moeder werden ingeprent dat ze door buitenaardse wezens waren ontvoerd. Van het beetje dat Nova toonde van het werk van Hopkins, was het duidelijk dat Mr. Hopkins de aanmaak van herinneringen aanmoedigde, hoewel Hopkins zelf zegt dat hij onderdrukte herinneringen blootlegt. Dr. Loftus merkte op dat Hopkins zijn patiënten sterk aanmoedigde om zich meer details te herinneren, en ook heel wat verbale beloning gaf bij het aanbrengen van nieuwe details. Dr. Loftus catalogeerde de procedure als "riskant" omdat we niet weten wat het effect van deze sessies zal hebben op de kinderen. We kunnen veilig voorspellen dat ze zullen opgroeien met het idee door buitenaardse wezens te zijn ontvoerd. Dit geloof zal zodanig in hun geheugen vastgegrift zitten dat ze moeilijk zullen kunnen overwegen dat de "ervaring" door hun moeder was aangepraat en door fanatici als Hopkins verder werd ontwikkeld.

John Mack

Een andere fanaticus van buitenaardse wezens is de aan Harvard verbonden psychiater Dr. John Mack (1929-2004), die boeken schreef over patiënten die verklaarden door buitenaardse wezens te zijn ontvoerd. Vele van zijn patiënten waren naar hem doorverwezen door Hopkins. Dr. Mack zei dat zijn psychiatrische patiënten niet geestesziek waren (waarom behandelde hij hen dan?) en dat hij geen andere verklaring kon vinden voor hun verhalen dat dat ze waar waren. Maar tot iemand fysiek bewijs kan leveren van de ontvoeringen, lijkt het redelijker aan te nemen dat Dr. Mack en zijn patiënten bedrogen werden of zelf bedriegers waren. De goede dokter zou zich natuurlijk kunnen wegsteken achter academische vrijheid en de geheimhoudingsplicht van de arts. Hij zou alle mogelijke verklaringen kunnen uiten en dan weigeren ze te staven op basis van het recht op privacy van zijn patiënten. Hij zou zijn verhalen dan kunnen publiceren en iedereen trotseren die zijn academische vrijheid wil afnemen. Hij bevond zich in de positie waar elke bedrieger kon van dromen: hij kon liegen zonder ooit gepakt te kunnen worden.

Dr. Mack verscheen ook in het Nova-programma "Alien Abductions". Hij verklaarde dat zijn patiënten anders gewone mensen waren, wat voor discussie vatbaar is als zijn patiënten enigszins zijn als die van Hopkins die in het programma werden opgevoerd. Mack zei ook dat zijn patiënten niets te winnen hebben bij het verzinnen van hun ongelooflijke verhalen. Om de een of andere reden denken intelligente mensen vaak dat enkel idioten bedrogen of misleid worden en dat als de motieven van iemand vertrouwd kunnen worden, de getuigenis van de persoon ook kan worden vertrouwd. Hoewel het waar is dat we gegrond sceptisch zijn voor de getuigenis van iemand die met zijn getuigenis iets te winnen heeft (zoals geld of bekendheid), klopt het niet dat we om het even welke getuigenis zomaar moeten aanvaarden omdat de persoon in kweste er niets bij te winnen heeft. Een onbekwame waarnemer, een dronken of gedrogeerde waarnermer, een zich vergissende waarnemer, of een misleide waarnemer mag niet worden vertrouwd, zelfs als hij of zij kristalzuiver op de graat is. Het feit dat iemand vriendelijk en fatsoenlijk is en niets te winnen heeft bij liegen maakt hem nog niet onvatbaar voor fouten in de interpretatie van waarnemingen.

Eén ding dat Dr. Mack niet opmerkte was dat zijn patiënten heel wat aandacht kregen door zich als ontvoerden voor te stellen. Bovendien werd nergens vermeld hoe hij en Hopkins aan bekendheid wonnen en grote oplages boeken konden verkopen door hun klanten aan te moedigen om met meer details van hun "ontvoeringen" voor de dag te komen. Mack ontving een voorschot van $200.000 voor zijn eerste boek over ontvoeringen door buitenaardse wezens. Mack profiteerde ook door reclame te maken en fondsen te werven voor zijn Center for Psychology and Social Change (Centrum voor psychologie en sociale verandering) en zijn Program for Extraordinary Experience Research (Programma voor onderzoek naar buitengewone ervaringen). Overigens was Dr. Mack zwaar onder de indruk van het feit dat de verhalen van zijn patiënten heel gelijkaardig waren. Hij gelooft ook in aura's en heeft gezegd dat hij gelooft dat enkele van de gynaecologische problemen van zijn ex-vrouw mogelijk te wijten waren aan buitenaardse wezens. Hij kon op de universiteit van Harvard blijven lesgeven in naam van de academische vrijheid.

Robert Bigelow

Wie ook aan de mythe van ontvoeringen door buitenaardse wezens heeft bijgedragen, is Robert Bigelow, een rijke zakenman uit Las Vegas die zijn geld gebruikt om paranormaal onderzoek te steunen (zie het artikel over Charles Tart) en die voor een deel een Roper-onderzoek naar ontvoeringen door buitenaardse wezens financierde. Dit onderzoek vroeg de 5947 ondervraagden niet rechtstreeks of ze door buitenaardse wezens waren ontvoerd. Het vroeg hen wel of ze een van de volgender ervaringen hadden meegemaakt:

--Verlamd wakker worden met het gevoel dat een vreemde persoon of een aanwezigheid of iets anders zich in de kamer bevindt.

--Een tijdsduur ervaren van een uur of meer waarin je schijnbaar verloren bent maar je je niet kan herinneren waarom of waar je bent geweest.

--Ongewone lichten of lichtbollen zien in een kamer zonder te weten waardoor ze worden veroorzaakt of vanwaar ze vandaan komen.

--Onbegrijpelijke littekens vinden op je lichaam en jij noch iemand anders kan zich herinneren hoe je ze gekregen hebt.

--Voelen dat je door de lucht aan het vliegen was hoewel je niet weet waarom of hoe.

Als je 4 of 5 keer 'ja' antwoordde op deze "symptomen", gold dat als bewijs voor ontvoering door buitenaardse wezens. Een honderdduizendtal psychiaters, psychologen en andere deskundigen kregen een 62 pagina's tellend rapport, ingeleid door John Mack. Het besluit was dat zo'n 4 miljoen Amerikanen of zo'n 100 miljoen mensen door buitenaardse wezens zijn ontvoerd. Carl Sagan reageerde ironisch: "Het verbaast me dat geen enkele buur iets heeft gemerkt". De timing van het versturen van het rapport was perfect gekozen: kort voor de uitzendingen van de CBS-TV miniserie Intruders (Indringers), geschreven door Strieber.

Sommigen die verklaarden door buitenaardse wezens te zijn ontvoerd zijn waarschijnlijk bedriegers, sommigen zijn bijzonder gestresseerd, en sommigen lijden waarschijnlijk aan een ernstige psychiatrische stoornis, maar de meesten lijken normale mensen te zijn die heel vatbaar zijn voor verbeelding. De meesten zijn niet op geld uit, maar gebruiken hun vreemde ervaring om op televisie te komen of om films te laten maken over hun levens. Met andere woorden, de getuigenis is vaak, of zelfs altijd, gemaakt door redelijk normale mensen zonder bijkomende motieven. Mochten hun verklaringen niet zo bizar zijn, dan zou het zelfs onfatsoenlijk zijn om velen van hen te wantrouwen. Verdedigers van het redelijke geloof in ontvoeringen door buitenaardse wezens wijzen op het feit dat niet alle verhalen verzinsels kunnen zijn. Maar hypnose en andere suggestieve middelen worden vaak gebruikt om herinneringen van ontvoering naar boven te brengen. Hypnose is niet alleen een onbetrouwbare methode of juiste herinneringen te verkrijgen, het is een methode die makkelijk kan worden gebruikt om herinneringen te creëren. Bovendien is het geweten dat mensen die geloven door buitenaardse wezens te zijn ontvoerd heel vatbaar zijn voor verbeelding. Dergelijke vatbaarheid is niet abnormaal, als je met abnormaal het gedrag van een minderheid bedoelt. Het overgrote deel van de mensen zijn vatbaar voor verbeelding. Anders zouden ze niet geloven in God, engelen, geesten, onsterfelijkheid, duivels, ESP, Bigfoot, enz. Een mens kan "normaal" functioneren op een miljoen verschillende manieren en toch in de meest irrationele zaken geloven, zolang dat irrationeel geloof een cultureel aanvaarde misvatting is. Er wordt weinig moeite gedaan om bijvoorbeeld uit te zoeken waarom mensen de religieuze verhalen geloven die ze geloven, maar wanneer iemand een overtuiging heeft die buiten het cultureel aanvaarde draagvlak ligt van misleidende fenomenen, dan moeten die overtuigingen plots "verklaard" worden.

gemeenschappelijke culturele misvattingen

Wie gelooft ontvoerd te zijn door buitenaardse wezens is niet noodzakelijk gek of vertelt niet noodzakelijk de waarheid. Het is misschien beter om die mensen te omschrijven als mensen die een culturele misvatting delen. Dit is net als de mensen die bijna-doodervaringen hebben gehad waarbij ze door een tunnel gingen naar het heldere licht, of die Jezus zien die hen wenkt. Deze gedeelde ervaringen bewijzen niet dat de ervaringen geen verbeeldingen waren. Ze zijn waarschijnlijk te wijten aan gelijkaardige hersentoestanden bij bijna-doodervaringen, en gelijkaardige levens- en doodsverwachtingen. Het alternatief is niet dat ze ofwel compleet gek zijn ofwel echt gestorven zijn, naar een andere wereld zijn gegaan en teruggekeerd zijn naar hun leven. Er is een naturalistische verklaring die uitgaat van hersentoestanden en gedeelde culturele overtuigingen.

Mensen die ontvoerd werden door buitenaardse wezens kunnen ook als mystici worden beschouwd. Beiden geloven ze dat ze iets ervaren is dat aan de overigen wordt ontzegd. Het enige bewijs voor hun ervaring is hun geloof dat het gebeurde en het relaas dat ze ervan geven. Er is geen enkel ander bewijs. De vergelijking van ontvoerden met mystici is niet zo vergezocht als op het eerste zicht kan lijken. De verhalen van mystische ervaringen vallen uiteen in twee basiscategorieën: het extatische en het contemplatieve. Elk type mystiek heeft z'n reeks anekdotes en getuigenissen. Net als de verhalen van de ontvoerden, zijn de verhalen van elk type mystiek heel gelijkaardig. Exstatische mystici beschrijven doorgaans hun onbeschrijfbare ervaringen met bewoordingen die analoog zijn aan sexuele extase. Gaan van het donker naar het licht roept de herinnering aan de geboorte op. De contemplatieve mystici beschrijven hun ervaring van volmaakte vrede en geluk op manieren die doen denken aan een goede nachtrust. In de meer gevorderde fases van mystiek, is de ervaring duidelijk analoog aan de dood: een toestand van totale eenheid, d.w.z. geen verscheidenheid, geen verandering, helemaal niets. Kortom, het feit dat mystieke ervaringen op gelijkaardige manieren worden beschreven door mystici in verschillende landen en in verschillende eeuwen, is geen bewijs voor de authenticiteit van hun ervaringen. De gelijkaardigheid licht eerder de gelijkvormigheid van menselijke ervaring toe. Elke cultuur kent geboorte, seks en dood.

De ontvoerden lijken niet alleen op mystici, maar ook op middeleeuwse nonnen die geloofden dat ze verleid waren door de duivels, of op vrouwen uit het oude Griekenland die dachten dat ze seks hadden gehad met dieren, en op vrouwen die geloofden dat ze heksen waren. De therapeuten van de ontvoerden zijn zoals de priesters van toen die de waanovertuigingen niet in vraag stelden maar ze aanmoedigden en koesterden. Ze doen al het mogelijke om hun verhalen als orthodox te laten aanvaarden. Het zal bijzonder moeilijk zijn om een ontvoerde te vinden die niet sterk werd beïnvloed door zijn of haar geloof, door verhalen over buitenaardse wezens te lezen, of boeken zoals Communion or Intruders van Strieber, of door films over buitenaardse wezens te zien. Nog moeilijker wordt het om een ontvoerde te vinden die niet sterk werd aangemoedigd in zijn verbeelding door een adviseur als Hopkins of een therapeut zoals Mack. Als je rekening houdt met de sterke aanmoedigingen van een gelovende gemeenschap, versterkt door de hogepriesters van de cultus van ontvoeringen door buitenaardse wezens, dan is het niet moeilijk te begrijpen waarom zovele mensen vandaag de dag geloven dat ze door buitenaardse wezens zijn ontvoerd.

Maar als er nu wezens zijn die intelligent genoeg zijn om door het heelal te reizen, dan waren er waarschijnlijk even intelligente wezens die dit deden in oude of middeleeuwse tijden. De misvattingen van de mensen in de oudheid en in de middeleeuwen spreken niet in termen van buitenaardse wezens en ruimtetuigen omdat deze een spinsel zijn van de vorige eeuw. We kunnen lachen om het idee dat goden het uiterlijk van zwanen aannemen om mooie vrouwen te verleiden, of van duivels om nonnen zwanger te maken, omdat ze niet passen binnen onze culturele vooroordelen en misvattingen. De mensen in de oudheid en in de middeleeuwen zouden je waarschijnlijk hebben uitgelachen mocht je verklaard hebben dat buitenaardse wezens je hadden ontvoerd voor seks of voortplantingsoperaties. De enige reden waarom men de ontvoerden nu ernstig neemt is dat hun misvattingen niet flagrant in conflict zijn met ons cultureel geloof dat intergalactische ruimtereizen mogelijk zijn en dat het hoogstwaarschijnlijk is dat we niet de enige bewoonde planeet zijn in het heelal. In andere tijden zou niemand deze verklaringen ernstig hebben genomen.

We mogen in dit verband natuurlijk ook het wishful thinking niet uitsluiten. Hoewel, het is iets makkelijker te begrijpen waarom iemand een mystieke ervaring zou wensen dan te vatten waarom iemand door een buitenaards wezen ontvoerd zou willen worden. Maar het gemak waarmee we aanvaarden dat een persoon een mystieke ervaring zou willen hangt samen met ons cultureel vooroordeel ten gunste van het geloof in God en de wenselijkheid om zich met God te verenigen. De wens om dit leven te overstijgen, naar een hoger niveau te gaan, dit lichaam te verlaten, uitverkoren te zijn door een hoger wezen om een speciale opdracht uit te voeren... ze kunnen allemaal net zo makkelijk gezien worden in de wens om door buitenaardse wezens ontvoerd te worden als in de wens om een met God te zijn of om buiten het lichaam te treden.

Het is ook mogelijk dat de ontvoerden gelijkaardige hallucinaties beschrijven omwille van hun gelijkaardige hersentoestanden, zegt Michael Persinger. Evenzo kunnen de extatische en contemplatieve verhalen van mystici te wijten zijn aan gelijkaardige hersentoestanden verbonden met een losmaking van het lichaam en een gevoel van transcendentie. Met behulp van elektrodes om bepaalde delen van het brein te stimuleren, heeft Persinger het gevoel nagebootst van een andere aanwezigheid en van bijna-doodervaringen, buitenlichaamtredingen, mystieke ervaringen en de ervaring door buitenaardse wezens te worden ontvoerd. De taal en symbolen van geboorte, seks en dood zijn mogelijk niets anders dan analoge hersentoestanden. Gedeelde herinneringen van ervaringen bewijzen niet dat de ervaringen geen verbeelding waren. De ervaring die de ontvoerden zien als een ontvoering door buitenaardse wezens kan te wijten zijn aan een bepaalde hersentoestand. Deze toestanden kunnen verband hebben met slaapverlamming of andere slaapstoornissen, waaronder een lichte hersenaanval. Slaapverlamming komt voor in de sluimertoestand. De beschrijving die ontvoerden geven van hun ervaring -niet kunnen bewegen of praten, een aanwezigheid voelen, angst voelen en niet kunnen schreeuwen- is een lijst van symptomen van slaapverlamming. Slaapverlamming wordt dan ook verantwoordelijk geacht voor niet alleen heel wat ontvoeringsverhalen, maar ook andere misleidingen i.v.m. paranormale of bovennatuurlijke ervaringen.

Er zijn natuurlijk bepaalde psychiatrische stoornissen die gekenmerkt worden door waanideeën. Vele mensen met deze stoornissen worden behandeld met geneesmiddelen die de aanmaak of werking van prikkeloverdragers beïnvloeden. De behandelingen zijn heel succesvol in het verdringen van waanvoorstellingen. Persinger heeft minstens één persoon behandeld met anti-aanvalmedicatie die meteen verlost was van herhaalde ervaringen zoals die voorkomen bij mensen die door buitenaardse wezens zijn ontvoerd en bij mensen die aan slaapverlamming lijden. Ontelbare mensen die schizofreen of manisch-depressief (tweepolige stoornis) zijn, zijn na behandeling met de juiste geneesmiddelen verlost van waanvoorstellingen over God, Satan, de FBI, de CIA en buitenaardse wezens.

Hoewel de verhalen van ontvoeringen door buitenaardse wezens niet aannemelijk lijken, zou fysiek bewijs de belangstelling van zelfs de meest geharde skepticus wekken. Jammer genoeg is het enige aangeboden fysieke bewijs onbevredigend. Zogenaamde "grondschrammen" bijvoorbeeld die veroorzaakt zouden zijn door UFO's werden als bewijs aangehaald dat buitenlandse wezens geland zouden zijn. Maar toen wetenschappers deze plaatsen onderzochten werd niets speciaals gevonden en bleken deze "schrammen" niets meer te zijn dan wildgroei en andere natuurlijke fenomenen.

Vele ontvoerden verwijzen naar de diverse littekens op hun lichamen als bewijs van ontvoering en experimenten. Deze tekens zijn helemaal niet buitengewoon en kunnen door gewone letsels en ervaringen worden verklaard.

Het meest indrukwekkende fysieke bewijs zouden de "implantaten" zijn waarvan vele ontvoerden beweren dat de buitenaardse wezens ze in hun neuzen en op andere plaatsen staken. Budd Hopkins meent dat hij een dergelijk implantaat heeft onderzocht en MRI's (magnetische resonantiebeelden) heeft om de diverse implantaatverklaringen te staven. Toen Nova de ontvoerden aanbood om hun vermeende implantaten te laten analyseren en beoordelen door wetenschappers, was er niet één persoon die daartoe bereid was. Dus, van alle bewijzen voor ontvoering, zijn de fysieke bewijzen het zwakst.



"Ik herinner me nu wat ik jullie wilde vragen. Weten jullie hoe ik het uur op de videorecorder kan instellen?"
herdrukt met toestemming van Brian Zaikowski