Optioneel starten en stoppen verwijst naar een gebruikelijke praktijk bij onderzoekers van psi. In vele tests van paranormale gaven is het de proefpersoon toegelaten om te starten of te stoppen wanneer hij of zij dat wenst. Bijvoorbeeld, de proefpersoon mag als opwarming enkele maken proberen om op paranormale wijze getallen of beelden van Zener-kaarten van een andere persoon door te krijgen. De antwoorden van de opwarming worden echter bijgehouden en als ze er goed uit zien (d.w.z. als ze beter zijn dan wat je via toeval zou verwachten), dan worden de antwoorden meegeteld in de testgegevens. Is dat niet het geval, dan worden de gegevens weggegooid. Op dezelfde manier kan de paranormaal begaafde beslissen te stoppen wanneer hij enkele keren goed heeft geraden en slechte gokken begint te produceren.

Dit fenomeen lijkt verwant aan een andere gebruikelijke factor bij het testen van psi: het optioneel bijhouden en optioneel weggooien van gegevens. Je kan alle voor jouw hypothese gunstige gegevens behouden en alle ongunstige gegevens weggooien. Psi-onderzoekers menen dat deze praktijk gerechtvaardigd is aangezien paranormale gaven kunnen komen en gaan.

Elke redelijke test van paranormale gaven zou een protocol moeten bevatten dat exact bepaalt wanneer het experiment begint en wanneer het eindigt. Stel je voor dat je een kaartspeler wat laat oefenen en hij bij winst zou verklaren dat het niet echt oefenspelletjes waren, en bij verlies zou verklaren dat het wel om oefenspelletjes ging.

Optioneel starten en stoppen mag niet worden verward met verplaatsingseffecten, een praktijk waarbij een gebeurtenis niet alleen als een "paranormale treffer" wordt geteld als iemand een kaart goed raadt, maar ook als men de kaart ervoor of die erna raadt, waardoor de kansen op een "juiste" gok aanzienlijk stijgen.