Een paranormaal detective (PD) is een vermeende helderziende die hulp aanbiedt aan de politiediensten om misdaden op te helderen.

In hun boek The Blue Sense: Psychic Detectives and Crime sommen Arthur Lyons en Marcello Truzzi een heleboel redenen op waarom mensen zonder enige paranormale gave een reputatie kunnen opbouwen dat ze helpen bij het ophelderen van misdaden. In veel gevallen worden de meeste aanwijzingen die in het voordeel pleiten van de paranormaal detective aan de massamedia bezorgd door de paranormaal begaafde zelf en niet door een onafhankelijke bron. De massamedia staan doorgaans niet kritisch of skeptisch tegenover de claims van helderzienden. De vermeende paranormaal detective Sylvia Browne, bijvoorbeeld, heeft herhaalde malen beweerd dat ze haar paranormale gaven heeft gebruikt om misdaden op te helderen, en toch worden die uitspraken maar zelden op hun waarheidsgehalte getoetst zoals dat gebeurde in het Amerikaanse tijdschrift Brill's Content.

“Brill's Content onderzocht tien afleveringen van de talkshow van Montel Williams waarin het werk van Browne als paranormaal detective aan bod kwam (en niet bijvoorbeeld haar ideeën over ‘leven na de dood’). Het ging daarbij om in totaal 35 gevallen. In 21 daarvan waren de details te vaag om ze te kunnen controleren. Bij de resterende 14 gevallen gaven de speurders of familieleden die bij het onderzoek waren betrokken aan dat Browne geen enkele rol van betekenis had gespeeld.

‘Ze lossen helemaal geen zaken op en de media stellen het voortdurend verkeerd voor’, zegt Michael Corn, een producer die onderzoek doet voor het tv-programma Inside Edition, en die in een reportage paranormaal detectives ontmaskerde. Ook de FBI en het National Center for Missing & Exploited Children (Nationaal Centrum voor Vermiste & Uitgebuite Kinderen) houden vol dat, bij hun weten, paranormale detectives nog nooit ook maar één enkele zaak van een vermiste persoon hebben opgelost.

‘Geen enkele. Ze komen op tv en ik zie hoe alles verloopt en wat ze beweren, maar nee, geen enkele’, aldus FBI-agent Chris Whitcomb. ‘Ze zijn misschien buitengewoon op andere vlakken, maar de FBI doet geen beroep op hen’” ("Prophet Motive," Brill's Content, November 27, 2000).

Browne heeft in het tv-programma The Larry King Show herhaalde malen beweringen gedaan over haar grote gave om misdaden op te helderen, zoals haar claim dat ze bomaanslag op het World Trade Center in 1993 heeft opgehelderd. James Randi contesteerde een andere bewering die Browne had gedaan bij Larry King, nl. dat ze samenwerkte met Stephen Xanthos van het politiebureau van Rumson in New Jersey. Ze zei dat ze op het punt stond om een zaak op te lossen.

“ …er heeft nooit iemand met de naam Xanthos bij dat politiebureau gewerkt, maar er was wel een Stephen Xanthos die ontslagen werd bij een ander politiebureau in New Jersey. Toen we de mythische claim van Sylvia verder onderzochten, ontdekten we dat Xanthos ooit een licentie had als privédetective, maar dat die maar geldig was tot 1994. Het is interessant om daarbij op te merken dat, als deze man werkelijk met Browne had samengewerkt – zoals ze aangaf in het programma van Larry King – hij volgens de wet van de staat New Jersey kon worden aangeklaagd voor een strafbaar feit (waarop straffen staan die vergelijkbaar zijn met inbraak en autodiefstal). Niet dat we ooit geloofden dat Sylvia de waarheid vertelde, maar ze zou een beetje slimmer moeten zijn met haar leugenachtigheid” (James Randi).

Er zijn nog andere redenen voor de onterechte reputatie van paranormaal detectives naast het feit dat ze zelf de loftrompet steken over hun eigen prestaties naar de onkritische media. Soms gokken ze gewoon juist. Iedereen heeft 50% kan op een treffer als we bij een vermist persoon gokken op "dood" of "levend". De kans is groot dat de vermiste wellicht al dood is op het moment dat er wordt besloten om de hulp van een helderziende in te roepen. De gebeurtenissen die worden voorspeld door een PD zijn heel algemene gebeurtenissen zoals er elk jaar duizenden worden voorspeld door helderzienden. (Een vermiste persoon is ofwel dood of nog in leven; als hij/zij dood is, dan wellicht ook begraven; als hij/zij begraven is, dan is dat waarschijnlijk op een afgelegen plaats zoals een bos. En ondiepe graven komen daarbij wellicht vaker voor. Hoeveel moordenaars nemen immers de tijd om een diepe put te graven? En toch beschouwen sommige mensen een voorspelling dat een lijk zal worden gevonden in een ondiep graf in een bosrijk gebied als werkelijk verbazingwekkend wanneer die voorspelling blijkt te kloppen.) Met andere woorden: het kan niet anders dan dat "visioenen" van paranormaal detectives vaak genoeg "correct" zijn om goedgelovigen om de tuin te leiden. Wat lijkt op een waarheidsgetrouwe waarneming is in feite toe te schrijven aan vaagheid, algemeenheid en de invulling van het begrip paranormale treffer. Bijvoorbeeld: "Ik zie water in de buurt van het lichaam" of “Ik zie bomen”. Sommige PD’s zijn heel erg bedreven in het gebruik van vaagheid en dubbelzinnigheid en leveren "het verbale equivalent van een Rorschachtest," aldus Piet Hein Hoebens, een van Truzzis medewerkers in een project rond "Paranormale Speurders".

Lyons en Truzzi geven ook aan dat na verloop van tijd verslagen van paranormale prestaties overdreven worden en vervormd raken. Vage claims worden specifiek. Fouten worden vervangen door correcte voorspellingen. Gebeurtenissen die nooit plaatsvonden worden "feiten." Vaak is de PD zelf de bron van dit historisch reconstructionisme. Soms doet een helderziende de "voorspellingen" pas na de feiten, maar beweert dat ze ervoor werden gedaan, zoals Sylvia Brownes bewering na de terroristische aanslagen van 11 september dat ze die had voorspeld.

Soms komt de onverdiende reputatie van PD’s van hun cliënten: de politie of verwanten van slachtoffers van misdrijven. De cliënten tellen missers en fouten als treffers. Browne vertelde bijvoorbeeld aan een vrouw dat haar man gestorven was door een "klonter" en hoewel hij overleden was door een bloeding gaf de cliënte toe dat Browne het bij het rechte eind had, hoewel het verschil tussen de twee net zo groot is als het verschil tussen een verstopte goot en een gebarsten leiding.

Cliënten beschouwen vaak toevalligheden als treffers. Lyons en Truzzi wijzen er op dat de informatie soms werd vergaard van een andere bron, vaak van een politieagent die zich er niet van bewust was dat hij die informatie verstrekt had. Of de helderziende kaatst informatie terug die de cliënt in feite zelf aangedragen heeft. Sommige successen van helderzienden zijn alleen maar zichzelf vervullende voorspellingen. Cliënten passen soms ook achteraf feiten in in de vage en dubbelzinnige uitspraken van de helderziende. Cliënten doen vaak ook aan selectief denken: ze herinneren zich de zaken die correct lijken te zijn en vergeten de duidelijke missers. Verder publiceren de massamedia verhalen over vermeende paranormale successen, terwijl ze doorgaans verhalen over paranormale missers en oplichters negeren. Op die manier worden reputaties gecreëerd en versterkt op basis van onbeduidend of verwaarloosbaar bewijs van een gave als paranormaal detective.

Volgens Lyons en Truzzi gebruiken PD’s dikwijls shotgunning om informatie aan te brengen. Dat houdt in dat ze een grote hoeveelheid informatie spuien, waarvan een deel haast onvermijdelijk van toepassing zal zijn in dat specifieke geval. Bij shotgunning spelen dingen mee zoals voorkeur voor bevestiging, koud lezen (bv. verklaringen waarbij het Barnum-effect optreedt) en subjectieve validatie: de politieagent focust op de informatie die lijkt te kloppen, negeert wat niet klopt en geeft onbewust aanwijzingen aan de helderziende terwijl die salvo na salvo afvuurt.

Sommige PD’s zijn gewoon bedriegers, volgens Lyons en Truzzi. Sommige paranormaal begaafden schakelen zelfs medeplichtigen in om hun bedrog te laten slagen. Soms worden informanten, waaronder ook politiemensen, omgekocht om informatie te bekomen waarvan de helderzienden dan beweren dat die op paranormale wijze werd verkregen.

Het mag dan wel een feit zijn dat sommige politiemensen geloven in helderzienden, maar vele van hen gebruiken helderzienden voor hun eigen doeleinden. Lyons en Truzzi vertellen het verhaal van een agent die een tekening van een cirkel door helderziende Noreen Reiner beschouwde als een correcte aanwijzing in een onderzoek omdat de persoon die werd gearresteerd met een betonmixer reed. Een andere agent beschouwde Dorothy Allisons aanwijzingen in een zaak als correct, hoewel ze voorspelde dat een vermiste persoon dood was, terwijl die helemaal niet dood was maar leefde in een religieuze sekte. De agent gaf toe dat hij stomverbaasd was door Allisons fout over het al dan niet nog in leven zijn van die persoon, “maar op welke manier was hij dood?” vroeg de agent zich af, "Biologisch? Klinisch? Doodmoe?" Dergelijke gevallen van wishful thinking en zelfbedrog lijken wel eerder uitzondering dan regel te zijn bij de ordehandhavers. Veel waarschijnlijker is het dat politiemensen helderzienden gebruiken om hun echte informatiebron verborgen te houden, om een informant te beschermen of om weg te moffelen dat ze de informatie op onwettige wijze hebben verkregen. Een laatste reden waarom sommige politiemensen helderzienden gebruiken of zich zelfs voordoen als helderziende: om bijgelovige verdachten te intimideren.

Lyons en Truzzi geven ook aan dat vele PD’s gewoon gebruik maken van hun intelligentie, inductief en deductief redeneren, voortgaan op ingevingen, bewijsmateriaal onderzoeken, nauwkeurig observeren, aandachtig luisteren, alternatieven afwegen, hun intuïtie volgen, enz., net zoals "echte" speurders dat doen. In een aantal zaken hebben de PD’s meer ervaring met bepaalde types van misdaden dan de politiemensen waarmee ze samenwerken.

Ondanks het zeer sterke bewijs dat de meeste paranormaal detectives ofwel misleid zijn, ofwel zelf bedrog plegen, maken Lyons en Truzzi in de wereld van de paranormaal begaafden een onderverdeling in helderzienden en pseudo-helderzienden. Pseudo-helderzienden worden verdeeld in authentieke (degenen die er zich niet van bewust zijn dat ze trucs gebruiken of gewone manieren van waarneming, informatievergaring, redenering, enz.) en niet-authentieke (de regelrechte bedriegers). Om hun stelling te ondersteunen dat tenminste sommige van de PD’s echte helderzienden kunnen zijn, geven Lyons en Truzzi aan dat:

“Sommige mensen een sterk ontwikkeld zicht, gehoor of geurzin hebben, wat psychologen hyperesthesie noemen. Een recent voorbeeld was een dokter in New Jersey [Arthur G. Lintgen] die in staat was om een ongelabelde vinylplaat met klassieke muziek te onderzoeken en dan aan te geven welke muziek er op stond en soms zelfs de naam van de componist door alleen maar naar de groeven te kijken.”

De auteurs beschouwen een dergelijke gave als bewijs van een buitengewone kracht (vinyl visie), maar Dr. Lintgen heeft er een andere verklaring voor: het geheim is de fysieke opbouw van de opname te bestuderen en te kijken naar de relatieve afspeeltijd van elke beweging of onderverdeling op de plaat (Seckel).

Dr. Lintgen gebruikte ook heel gewone inductieve en deductieve krachten om geheimzinnige feiten te achterhalen zoals de nationaliteit van het orkest. Wat hij echter allerminst deed, was zichzelf of anderen voorliegen over zijn gave, een blijk van eerlijkheid die veel van de hedendaagse zelfverklaarde helderzienden schijnbaar ontberen.


Met dank aan Jan Van Haver voor de vertaling van dit artikel.