Psi-missing is een ad hoc-hypothese die door parapsychologen is bedacht als verklaring voor de mislukte pogingen om buitenzintuiglijke waarneming (ESP) aan te tonen. In dergelijke tests wordt doorgaans geprobeerd om door middel van ESP verschillende doelen te identificeren, zoals Zener-kaarten, foto’s, enz. die buiten het zicht van de proefpersoon worden gehouden. Als die proefpersoon er niet in slaagt om beter te scoren dan mag worden verwacht volgens de wetten van de kansberekening, dan schrijven ze dat toe aan onbewuste beïnvloeding om het doel te vermijden. J. B. Rhine beweerde zelfs dat mensen die het niet op hem begrepen hadden opzettelijk fout zouden raden om hem tegen te werken (Park 2000, 42).


Met dank aan Jan Van Haver voor de vertaling van dit artikel.