Logische denkfouten zijn fouten die voorkomen in argumenten. In de logica is een argument het geven van redenen (premissen) om een bepaalde bewering (de conclusie) te staven. Er bestaan vele verschillende manieren om logische denkfouten in te delen. Ik verkies de voorwaarden voor een goed of steekhoudend argument op te sommen en vervolgens de logische denkfouten in te delen volgens het niet naleven van deze voorwaarden.

Elk argument gaat uit van enkele veronderstellingen. Een steekhoudend argument gaat enkel uit van verzekerde veronderstellingen, d.w.z. veronderstellingen die niet twijfelachtig of vals zijn. Dus, veronderstellingsdenkfouten zijn een soort logische denkfout. Een van de meest voorkomende veronderstellingsdenkfouten wordt petitio principii (begging the question) genoemd. Hierbij veronderstelt de argumenteerder dat wat hij zou moeten bewijzen al bewezen is. De meeste argumenten voor psi begaan deze denkfout. Bijvoorbeeld, vele gelovers in psi verwijzen naar de ganzfeld-experimenten als bewijs voor paranormale activiteit. Ze vermelden dat de kansberekening één kans op vier op succes voorspelde terwijl Honorton 34 op 100 haalde. Eén verdediger van psi beweert dat de kans om een score van 34% te halen in deze experimenten één op een miljoen biljard was. Dat kan best zijn maar hij begaat de hierboven vermelde denkfout door de bijzondere score aan paranormale krachten toe te wijzen. Het zou een bewijs kunnen zijn van paranormale activiteit, maar er zou evengoed een andere verklaring voor kunnen bestaan. De verbazingwekkende statistiek bewijst niet wat de oorzaak is van het resultaat. Het feit dat het experiment een bewijs voor psi probeert te vinden is niet relevant. Mocht iemand anders hetzelfde experiment uitvoeren maar beweren dat hij een bewijs probeert te vinden dat engelen, donkere materie of buitenaardse wezens direct met enkele mensen communiceren, dan zou dat niet relevant zijn voor wat werkelijk de verbazingwekkende resultaten veroorzaakt. De experimentatoren veronderstellen gewoonweg dat elk verkregen verbazingwekkende resultaat te wijten is aan iets paranormaals.

Een andere veelvoorkomende en nefaste veronderstellingsdenkfout is het valse dilemma, waarbij het aantal redelijke alternatieven wordt beperkt.

Niet alle veronderstellingsdenkfouten zijn nefast. Sommige steekhoudende argumenten kunnen een of twee twijfelachtige of valse veronderstellingen maken, maar toch voldoende bewijs bevatten om hun concluse te staven. Maar sommigen, zoals de denkfout van de gokker, zijn nefast.

Een andere eigenschap van een steekhoudend argument is dat de premissen relevant zijn om hun conclusies te staven. Niet-relevante premissen hoeven echter niet nefast te zijn voor de conlusie, op voorwaarde dat er voldoende relevant bewijs is om de conclusie te staven. Maar als alle opgegeven redenen voor de conclusie niet relevant zijn, dan is uw redenering een non sequitur (ongerechtvaardigde gevolgtrekking). De goddelijke denkfout is een soort non sequitur.

Een van de meest voorkomende relevantiedenkfouten is de ad hominem, waarbij men de argumenteerder zelf en niet zijn argument aanvalt. Een van de meest voorkomende soorten ad hominem-aanvallen is de motieven van de persoon aan te vallen en niet zijn bewijs. Bijvoorbeeld, wanneer een tegenstander weigert een punt te aanvaarden dat essentieel is voor uw argumentering, noem je hem "ongelovig" of "dom".

Andere voorbeelden van niet-relevante redeneringen zijn de sunk-cost denkfout en het argumentum ad ignorantiam (bewijs dat gebaseerd is op de onwetendheid van de tegenpartij).

Een derde eigenschap van een steekhoudend argument wordt soms de volledigheidsvereiste genoemd: Een steekhoudend argument mag geen relevant bewijs weglaten. Selectief denken is de basis voor het meeste geloof in paranormale krachten van zogenaamde gedachtenlezers en mediums. Het is tevens de basis voor vele, als niet alle, occulte en pseudowetenschappelijke overtuigingen. Selectief denken is essentieel voor de argumenten van verdedigers van niet-geteste en onbewezen remedies. Het verzwijgen of weglaten van relevant bewijs is duidelijk niet nefast voor de overtuigingskracht van een argument, maar wel voor de bewijskracht ervan. De regressieve denkfout is een voorbeeld van een denkfout door weglating. Het valse dilemma is ook een denkfout door weglating.

Een vierde eigenschap van een steekhoudend argument is eerlijkheid. Een steekhoudend argument verdraait geen bewijs en over- of onderschat de sterkte van specifieke gegevens niet. De stropopdenkfout schendt het eerlijkheidsprincipe.

Een vijfde eigenschap van steekhoudend redeneren is klaarheid. Sommige denkfouten zijn te wijten aan dubbelzinnigheid, zoals de dubbelzinnigheidsdenkfout: het veranderen van de betekenis van een sleutelwoord in een argument. Bijvoorbeeld, het volgende argument gebruikt 'toevalligheid' eerst in de betekenis van 'niet gecreëerd' en vervolgens in de betekenis van 'toevallige gebeurtenis'.

Aangezien je niet gelooft dat je geschapen bent door God, dan moet je geloven dat je maar een toevalligheid bent. Daarom zijn al jouw gedachten en handelingen toevalligheden, inclusief je ongeloof in God.

Ten slotte levert een steekhoudend argument een voldoende hoeveelheid bewijs om zijn conclusie te staven. Wanneer dit niet gebeurt begaat men de denkfout van de overhaaste conclusie. Eén veelvoorkomende soort overhaaste conclusie bij bijgeloof en geloof in het paranormale is de post hoc denkfout.

Sommige denkfouten kunnen op meer dan een manier worden ingedeeld, bv. de pragmatische denkfout, die soms te wijten lijkt aan vaagheid en soms aan onvoldoende bewijs.

De kritische denker moet naast de logische denkfouten ook de volgende onderwerpen bestuderen:

* apofenie
* Barnum-effect
* clustering illusion
* cognitive dissonance
* coincidences
* koud lezen
* gemeenschapsversterking
* confabulatie
* voorkeur voor bevestiging
* Forer-effect
* ideomotorisch effect
* magisch denken
* memory
conditionering
* pareidolie
* placebo-effect
* zelfbedrog
* persoonlijke validatie
* wishful thinking

James Alcock herinnert ons eraan dat “De ware kritische denker aanvaardt wat maar weinig mensen ooit aanvaarden -- dat men niet zo maar waarnemingen en herinneringen mag vertrouwen” (The Belief Engine). De ongelukkige waarheid is dat mensen geen waarheidszoekende projectielen zijn. Naast het begrijpen van logische denkfouten, moeten we ook begrijpen waarom we ze zo gemakkelijk maken.

Er zijn letterlijk honderden logische denkfouten. Een goede algemene inleiding op denkfouten vind je in Attacking Faulty Reasoning: A Practical Guide to Fallacy-Free Arguments door T. Edward Damer of in Asking the Right Questions: A Guide to Critical Thinking door M. Neil Browne en Stuart M. Keeley.

Er zijn ook enkele webstekken die zich richten op denkfouten. Hier volgen enkele:

* The Nizcor Project (Dr. Michael C. Labossiere)